Spring naar content
Methodes

Handreiking Palliatieve Zorg voor de verslavingszorg

18 november 2021

In 2015 is in NISPA verband o.a. met medewerking van Tactus een handreiking Palliatieve Zorg voor de verslavingszorg geschreven. Resultaten Scoren heeft dit document als een goed visiedocument bestempeld, echter heeft deze niet gepubliceerd. Sinds 2017 zijn we, vanuit Tactus, in samenwerking met NISPA deze handreiking aan het herschrijven. We merkten in de loop van de jaren dat de werkwijze in deze handreiking voor doorgebruikers een hele toepasbare werkwijze is. De nieuwe versie van de handreiking wordt beschreven onder de volgende naam: Handreiking besluitvorming passende zorg voor doorgebruikers (2017). Door omstandigheden heeft dit proces stil gelegen en is er in 2020 een herstart gemaakt. De handreiking wordt herschreven met de meest recente wetenschappelijke onderzoeken en zal aangevuld worden met best practice uit de praktijk.

Binnen de verslavingszorg is er een subgroep (alcohol)verslaafde patiënten bij wie het beloop van de verslaving zeer ongunstig is (Staats, Malesevic, Neeleman, Possen, Vellinga & Schippers, 2013).  Deze chronisch verslaafde patiënten hebben een hogere sterftekans dan gematigde drinkers en leven gemiddeld 10 tot 15 jaar korter (Schippers & Van den Brink, 2008). Ook komt suïcide bij alcohol- of middelafhankelijken vaker voor dan bij niet-afhankelijke patiënten (De Jong & De Jong, 2006; Kerkhof, 2007). Het blijkt dat meer dan de helft van de verslaafde patiënten, na behandeld te zijn, binnen een jaar terugvalt. Ongeveer een kwart tot een derde van mensen die ooit behandeld zijn voor alcohol- of drugsproblemen zal niet herstellen, blijven gebruiken en zullen verslaafd sterven (Schippers & Van den Brink, 2008 in Staats e.a., 2013; Schippers & Broekman, 2006 in Schippers & Van den Brink, 2008). Waar in de praktijk over deze laatste groep als ‘dooddrinkers’ gesproken wordt, opperen Staats et. al. de definitie ‘doordrinkers’, aangezien een groot deel van hen geen -actieve noch passieve- doodswens heeft. Vanwege het ontbreken van een goede eenduidige definitie, zijn de exacte cijfers over het aantal doordrinkers binnen de verslavingszorg lastig te achterhalen. Staats en collega’s schatten het landelijk aantal doordrinkers (die jaarlijks sterven) op 1.100. Om de orde van grootte van de prevalentie te onderstrepen, vergelijken zij dit aantal met het aantal verkeersdoden in 2011, wat  661 was (CBS-persbericht, 19 april 2012). Het aantal personen dat in 2010 door oorzaken waarbij alcohol uitdrukkelijk werd genoemd stierf, ligt volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek op 1.739, waarvan in 39% van de gevallen alcohol als primaire doodsoorzaak is opgegeven (Nationale Drug Monitor Jaarbericht 2011, p. 220). Echter maakt het CBS de kanttekening dat het aandeel van alcohol in sterfgevallen niet altijd goed herkend wordt, waardoor de daadwerkelijke cijfers hoger worden geschat.

Binnen de verslavingszorg zijn veel handreikingen en protocollen beschikbaar. Er is nog geen handreiking die de verslavingszorg van eenduidig beleid voorziet als het gaat om palliatieve zorg aan chronisch verslaafde patiënten, die we daar waar het gaat om alcohol ’doordrinkers’ noemen.

Momenteel wordt casemanagement vanuit de Multidisciplinaire richtlijn stoornissen in het gebruik van alcohol aangeraden als type hulpverlening aan chronisch alcoholverslaafde patiënten bij wie geen zicht op herstel is (CBO, 2009). De Richtlijn voor casemanagers in de verslavingszorg (Tielemans & De Jong, 2007), geeft een specifiekere beschrijving hiervan en het komt er in de praktijk op neer dat instellingen bij dergelijke casussen casemanagement als leidraad hanteren en dat het verdere zorgtraject afgestemd wordt op de individuele situatie en wensen van de patiënt. Naasten en een multidisciplinair team worden dikwijls betrokken bij het opstellen van een behandelplan. Vaak is er voor de casemanagers ondersteuning op het gebied van zingeving, spiritualiteit en levensbeschouwing beschikbaar, zodat zij de patiënten hierbij beter kunnen begeleiden. Ook kan Moreel Beraad ingezet worden, om de ethische overwegingen goed in kaart te kunnen brengen (Thijs, Ter Huurne & De Heer, 2006; Staats e.a., 2013). De Richtlijn voor casemanagers in de verslavingszorg biedt zeker enige houvast, maar is destijds niet bedoeld om palliatieve zorg te definiëren en vorm te geven. Hier is echter vanuit de praktijk veel behoefte aan, met name om tot een samenhangend beleid te komen aangaande palliatieve zorg binnen de verslavingszorg (Thijs, e.a., 2006; Staats e.a., 2013).

De beslisboom die gebruikt wordt in de handreiking van 2015 is toepasbaar in de praktijk en wordt hieronder beschreven. Deze zal in de nieuwe handreiking omgezet worden naar de Wet verplichte GGZ.

beslisboom handreiking palliatieve zorg voor de verslavingszorg

Het originele document is op te vragen via Chantal ter Huurne c.terhuurne@tactus.nl

Als jouw reactie een URL bevat moet deze beginnen met 'www.' en zonder 'http(s)://' om geaccepteerd te worden.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

De URL moet beginnen met 'www.' en zonder 'http(s)://' om geaccepteerd te worden.

Gerelateerd

  • Artikelen
Op 14 en 16 september liep, wandelde, fietste en reed ons team Intactus – cliënten en medewerkers van Intact en…
  • Blog: wij zijn Tactus
Als ervaringsdeskundige bij Tactus heb ik twee rollen. Ten eerste maak ik deel uit van het project ‘ambulante detox’. Dit betekent dat ik online cliënten ondersteun die thuis een detox doorlopen.
  • Artikelen
Onlangs hadden we in onze Piet Roordakliniek in Zutphen een speciale gast: Patrick van der Jagt, ook wel bekend als Caveman010.