Spring naar content
Blog: wij zijn Tactus

Coronamijmeringen

29 juni 2021

Een bemoeizorger had de basisregels, bij elke persconferentie door Mark Rutte genoemd, kunnen bedenken. Afstand houden, de anderhalve meter die in de praktijk veel kleiner lijkt dan thuis langs de meetlat. Als iemand een misselijkmakende geur verspreid, is afstand iets wat heel natuurlijk gaat. Als ik iemand zie waar de spreekwoordelijke stoom uit de oren komt, is een arm om iemand leggen meestal niet de juiste keuze. Met gepaste afstand het contact beginnen om zo de nabijheid van mensen te zoeken die te boek staan als zorgmijder.

Geloof mij, er is een grote groep mensen, al lang voor de corona, die zelden binnen de anderhalve meter van een ander komen. De meeste mensen lopen al jaren met een grote boog om hen heen. In dit corona tijdperk heb ik wel die veilige afstand proberen aan te houden, maar desondanks wel het contact blijven zoeken. Een nieuwe cliënt met de telefoon benaderen bleek al snel niet te werken. Als het zo simpel was, zou de bemoeizorg snel zijn bestaansrecht verliezen. Soms moet ik echt alles op alles zetten om contact te krijgen. Dus eindeloze keren langsgaan. Tot vervelens toe aanbellen, kloppen en kaartjes door de bus doen. Soms zie ik iemand zitten in een halfduistere kamer die, als ik even met mijn ogen knipper, er niet meer zit.

Voor zorgmijders pur sang kwam de corona als geroepen. Dé manier om hulpverlening buiten de deur te houden.

Handen wassen, tot je handen er stuk van gaan. Mark zal het wel weten, al vind ik alles waar `te` voor staat vaak te veel van het goede. Met kapot geschrobde handen bij iemand aankomen vind ik ook geen visitekaartje. Handen wassen vind ik heel normaal en ik zal er in het oude normaal ook niet mee stoppen. Ga ik weer handen geven? Van die door de nicotine bruingeel geworden handen. Mensen doen er van alles mee en ik mocht er dagelijks een aantal schudden. Het komt nu over als een gewoonte waar de evolutie iets nieuws op bedacht heeft: de ellenboog of gewoon de hand de hoogte in doen. Van zwaaien wordt een mens vrolijk.

Voor zorgmijders pur sang kwam de corona als geroepen. Dé manier om hulpverlening buiten de deur te houden. Ze hadden corona, in een heftige variant, en er kwam geen verbetering. Loopneuzen, niezen, het hield niet op. De mensen die hier last van hadden waren niet over te halen om zich te laten testen toen dit mogelijk werd, dus ging ik polshoogte nemen. Ik stelde ze gerust: het is mijn eigen verantwoordelijkheid en je doet gewoon de deur open en ik sta buiten, op afstand, grote afstand. Deuren gingen weer open. Eén mevrouw wilde echt niet, en met een grote snottebel onderaan de neus deed ze de voordeur open. Toen die op de grond viel, was de corona weg. Zoals de corona nu voor ons allemaal bijna weg lijkt te zijn.

Een reactie op “Coronamijmeringen

  1. Zeer beeldend geschreven. Zag het voor me…de snottebel. Wat schrijf je toch mooi. En wat doe je goed werk. Blijf aub bij mensen langsgaan. Voor hen en ook een beetje voor ons, je lezers zodat we je verhalen kunnen blijven lezen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerd

  • Artikelen
  • /
  • Jeugdkliniek
Collega Kevin worstelde zelf ruim twintig jaar met verschillende verslavingen, maar wist in 2016 het tij te keren. Nu is hij in de jeugdkliniek werkzaam als agogisch medewerker in opleiding en zet hij zijn eigen ervaringen in om jongeren verder te helpen.
  • Blog: wij zijn Tactus
In 2014 heb ik mijn eerste van mijn twee klinische opnames gehad. Ook deze opname heeft me goed gedaan en als ik geen lullig life-changing event had gehad, was een tweede klinische opname niet nodig geweest.
  • Artikelen
Nadat de restaurants en café’s maandenlang dicht zijn geweest, clubs gesloten waren en feesten en festivals niet door konden gaan, kunnen jongeren deze zomer weer hun hart ophalen in het uitgaansleven.