U bevindt zich hier: Home > FAQ

Veelgestelde vragen aan Tactus

Aanmelden & afspraken

  • Hoe meld ik me aan voor een behandeling bij Tactus?

    Dit kan online via de aanmeldknop of u kunt contact opnemen met één van onze aanmeldlocaties (Almelo, Almere, Apeldoorn, Deventer, Enschede, Harderwijk, Lelystad, Zutphen, Zwolle). Dit kan via het algemene telefoonnummer: 088 382 28 87.

  • Wat heb ik nodig om me aan te melden voor een behandeling?

    Voor het eerste gesprek heeft u een verwijsbrief van uw huisarts nodig. Zorg dus dat u deze meeneemt. Een verwijsbrief is noodzakelijk om de zorg en behandelingen die we u bieden te kunnen declareren bij de zorgverzekeraars.

  • Wat moet ik doen bij een crisissituatie?

    Cliënten van Tactus hebben een crisissignaleringsplan waarin is vastgelegd wie ze kunnen bellen bij een crisis. Als u nog geen cliënt bent, belt u in een crisissituatie altijd uw huisarts.

  • Hoe kan ik een afspraak verzetten of afzeggen?

    Voor het verzetten van een afspraak kunt u contact opnemen via het centrale telefoonnummer 088 382 28 87.

  • Kan ik als minderjarige me aanmelden?

    Ja, maar je moet wel toestemming van je ouders hebben. Zij worden ook betrokken bij je behandeling. 

  • Alcohol

    • Moet alcohol niet hetzelfde aangepakt worden als drugs?

      Als alcohol nu pas op de markt zou komen zou het onmiddellijk verboden worden. Stel dat kranten melding zouden maken van keldertjes waar jongeren een nieuwe drug gebruiken die nota bene gedronken kan worden en die door criminele figuren in verschillende geuren en smaken op de markt gebracht wordt. Binnen de kortste keren zou er sprake zijn van luidruchtig gedrag en zouden de kranten volstaan met meldingen over vechtpartijen, mishandelingen, dodelijke auto-ongelukken enz. enz. Een paar jaar later zouden de eerste verslaafden zich aandienen. Vervolgens zouden artsen allerlei ziekten tegenkomen die het gevolg zouden zijn van overmatig alcoholgebruik.

      Nee, als nieuwe drug zou alcohol geen enkele kans maken. Maar alcohol is niet nieuw, het is al duizenden jaren bekend en heeft ook een heleboel positieve eigenschappen. Het verhoogt de feestvreugde, de gezelligheid en de sfeer. En dat willen we niet graag missen. Bovendien kunnen heel veel mensen wel verstandig met alcohol omgaan. Daarom heeft de overheid gezegd: laten wij het bezit, de productie en verkoop in een aantal wetten regelen. Laten we die wetten zo maken dat de risico's die met alcohol samenhangen zoveel mogelijk beperkt worden. Zo is bijvoorbeeld in de wet vastgelegd dat je beneden de 16 jaar geen alcohol mag kopen en dat als je niet mag deelnemen aan het verkeer met meer dan 0,5 promille alcohol in het bloed.
      Op zich denkt TACTUS dat wat betreft alcohol deze aanpak de juiste is. Probeer via voorlichting maar ook via wettelijke maatregelen de risico's die met alcohol samenhangen zoveel mogelijk te beperken. Dan hou je de positieve effecten en beperk je de negatieve. Misschien is gezien het hoge alcoholgebruik onder jongeren er nu wel een reden om de wet wat aan te scherpen. Wat dacht je bijvoorbeeld van een prijsverhoging, van een verbod op de happy hours en van een verplichte waarschuwing op etiketten van flessen drank?

      Je zou de vraag ook nog kunnen omdraaien. Moeten drugs hetzelfde aangepakt worden als alcohol. Dat is dan wat we legalisering noemen. Drugs zitten nu in de strafwet. Drugs zijn verboden en bezit en verkoop is strafbaar. Legalisering is het uit de strafwet halen van drugs en het onderbrengen in andere wetten die bezit, productie en verkoop regelen. Ook met het doel om de risico's zoveel mogelijk te beperken.

  • Wat is het verschil tussen een probleemdrinker en een alcoholist?

    Een probleemdrinker, is iemand die veel drinkt en allerlei problemen heeft die met het drinken te maken hebben. Dit kunnen gezondheidsklachten of problemen met relaties of werk zijn. Verder kunnen er problemen ontstaan door verkeersongelukken of door geweld- en agressie delicten. Ook kunnen er verslavingsproblemen optreden.

    Vaak heeft iemand met alcoholproblemen zoveel problemen dat door de omgeving gezegd wordt: logisch dat de man drinkt, hij heeft het ook zo moeilijk. Vergeten wordt dan, dat veel problemen door het drinken zijn ontstaan. Er is al eens een campagne gevoerd met de slogan:

    'Drink je omdat je het moeilijk hebt of heb je het moeilijk omdat je drinkt'.

    Deze slogan maakte duidelijk dat problemen ook vaak door het alcoholgebruik ontstaan.

    Volgens een veel gebruikt diagnostisch handboek (de DSM-IV) is een alcoholist iemand die aan drie van de onderstaande 9 criteria voldoet:
    - ontwikkelde tolerantie (veel nodig hebben om het effect nog te kunnen voelen)
    - vaker en meer gebruiken dan je van plan bent
    - last hebben van onthoudingsverschijnselen
    - het gebruiken om onthoudingsverschijnselen te verminderen
    - mislukte pogingen om het gebruik in de hand te houden
    - veel tijd besteden aan gebruik of aan bijkomen van gebruik
    - gebruiken ondanks dat je belangrijke dingen moet doen
    - beperking van hobby's, activiteiten of zelfs werk
    - voortdurend gebruiken, ondanks dat je weet dat het schade oplevert.


    Een probleem drinker hoeft nog geen alcoholist te zijn. Vaak zit hij er wel niet ver vanaf. Een alcoholist is per definitie ook een probleemdrinker. Hij drinkt veel en heeft op zijn minst een verslavingsprobleem.

  • Wat zijn de gevolgen van alcohol?

    Kort antwoord:

    Matig alcoholgebruik is onschuldig. Bij overmatig alcoholgebruik wordt alcohol echter een uiterst giftige stof. Er zijn lichamelijke, psychische, sociale en maatschappelijke gevolgen.

    Lang antwoord:

    Overmatig alcoholgebruik kan leiden tot allerlei ziekten zoals: ontstoken slokdarm- en maagslijmvlies, verhoogde bloeddruk, leververvetting, levercirrose, keel-, slokdarm- en strottenhoofdkanker en beschadiging van hersenen en zenuwstelsel. Jaarlijks zijn er 2500 doden te betreuren door alcoholziekten.
    Psychisch kan alcoholgebruik leiden tot verslaving. Naar schatting zijn zo'n 330.000 mensen verslaafd, waarvan er zo'n 30.000 per jaar hulp zoeken. De sociale gevolgen zijn ook niet mis. Alcohol leidt tot problemen met vrienden, familie en werk. Alcohol richt in het gezin heel wat schade aan. Om maar een cijfer te noemen: bij 17% van de gezinnen waar kindermishandeling voorkomt, is sprake van alcoholverslaving. De maatschappelijke gevolgen zijn velerlei, denk maar aan de invloed van alcohol op het verkeer, op agressie, criminaliteit, werk en gezondheidszorg. Er zijn vele cijfers die dit duidelijk maken Om er enkele te noemen:
    - 265 doden en 2000 ernstig gewonden door alcohol in het verkeer
    - 100 doden per jaar doordat mensen dronken van de trap afvallen
    - 27 moorden op straat en in de horeca die in verband staan met alcohol.
    - De schade op het werk naar schatting 2 miljard.
    - Kosten voor gezondheids- en verslavingszorg naar schatting 250 miljoen
    Enzovoort.

    Er is een aardig boekje over de gevolgen van alcoholmisbruik te verkrijgen: Feiten over alcohol. Dat is gratis te bestellen bij een verslavingszorginstelling in de buurt of via de alcoholinfolijn, tel 0900 500 20 21. Zie ook: www.alcoholvoorlichting.nl

  • Ik drink al jaren gemiddeld 10 tot 12 flesjes bier.

    U drinkt in ieder geval te veel. Wanneer je meer drinkt dan 15 glazen per week ondervindt je lichaam daar schade van. U zit zo aan 70 tot 80 glazen per week en zit dus te hoog. Alcohol maakt u rustig. In feite gebruikt u de alcohol daarvoor. Dat is riskant omdat je lichaam aan alcohol went en steeds meer nodig heeft om dat effect nog te voelen. U hebt dus steeds meer alcohol nodig om rustig te worden. Daarom zit u nu aan 10 tot 12 flesjes bier per dag. 

    U zult dus moeten stoppen of minderen.

    Minderen kan wanneer u:
    - geen ziekte of aandoening hebt die door het drinken is ontstaan
    - geen last hebt van controleverlies; dat wil zeggen dat u niet de ervaring hebt dat u na een of twee drankjes iedere keer meer gaat drinken dan u van plan was
    - jonger bent dan 40 jaar
    - een beperkte periode overmatig hebt gedronken.

    Je kunt op twee manieren minderen:
    1. Eerst een aantal weken stoppen en daarna gecontroleerd drinken. Als je veel drinkt en last hebt van onthoudingsverschijnselen is het bij deze keus wel verstandig eerst even een arts te raadplegen.
    2. Langzaam afbouwen in een termijn van bijvoorbeeld 4 tot 6 weken.

    Om te minderen kun je het volgende doen:
    - Versterk je motivatie. Dat kan je onder andere doen door een lijstje te maken waarin je de voor- en nadelen van het drinken tegenover elkaar zet. Een voordeel is bijvoorbeeld dat je rustig wordt, een nadeel dat je lichamelijke klachten krijgt. Datzelfde lijstje kun je maken voor het minderen met alcohol. Wat zijn de voor- en nadelen van het minderen.
    - Bereid je voor op negatieve gevoelens. Bij het matig drinken zul je niet helemaal rustig meer worden. Je blijft dus met onrustgevoelens en spanningen zitten. Daar moet je je op voorbereiden. Je zult op een andere manier moeten ontspannen, bijvoorbeeld door een eindje te gaan wandelen of yoga-oefeningen te doen. Sommige onrustgevoelens ontstaan doordat je lichaam minder alcohol krijgt dan het gewend is. Die onrustige gevoelens kunnen enkele weken aanhouden maar worden vanzelf minder.
    - Noteer wat je drinkt. Hou voor een periode elke dag bij hoeveel je drinkt. Je krijgt dan beter inzicht in de manier waarop je drinkt. Noteer dag, datum, tijd, waar je drinkt en met wie en het aantal glazen. Dus bijvoorbeeld op maandag de tiende van half 5 tot half 10 heb ik thuis alleen (of met familie) 12 pils gedronken.
    - Maak een planning. Stel een doel en maak een planning over hoe je dat doel wil bereiken. Dus bijvoorbeeld ik besluit dat ik over 6 weken niet meer drink dan drie glazen per dag. Elk week minder ik met bijvoorbeeld een of twee glazen per dag. De eerste week vanaf nu (of een ander door jou vast te stellen tijdstip) drink ik 10 glazen per dag, de tweede week 8 glazen per dag, de derde week 6, de vierde week 5, de zesde week 4 glazen en na de zesde week 3 glazen per dag. Uiteraard kun je voor een ander schema keizen waarbij je veel sneller omlaag gaat of waarbij je ineens op drie glazen per dag gaat zitten.
    - Kijk in je dagboek naar de situaties waarin je drinkt. Bedenk welke situaties riskant zijn om te veel te gaan drinken; bijvoorbeeld bij een voetbalwedstrijd of wanneer er vrienden langskomen. Bereid je op die situatie voor en bedenk een manier om in die situatie niet meer zoveel te drinken. Neem je bijvoorbeeld voor om na elk glas bier een glas water te drinken. - Bereid je voor op trek. Soms kan de drang om weer meer te gaan drinken heel sterk zijn. Bereid je voor op hoe je met die trek omgaat. Wacht af tot het in sterkte afneemt, zoek afleiding of ontspan je door een wandeling te gaan maken.
    - Beloon jezelf met een cadeautje. Dat houdt je motivatie levend. Elke week dat je een stapje terug gaat in het aantal glazen geef je jezelf een cadeau.

    De methode is beschreven in het boekje 'Hoe minder te drinken' te zien onder alcoholvoorlichting op de website van het Trimbosinstituut. Je kunt ook kijken bij alcoholdebaas.nl.

  • Behandeling

    • Hoe lang duurt een behandeling?

      De duur van uw behandeling hangt grotendeels af van uw hulpvraag. Samen met u kijken we wat voor u het beste is. In het behandelplan wordt opgenomen hoe lang u in behandeling gaat.

  • Hoe lang is de wachttijd?

    De actuele wachttijden vindt u hier.

  • Worden mijn partner, familie en vrienden betrokken bij de behandeling?

    We vinden de inbreng van partner, familie en vrienden tijdens de behandeling zeer waardevol. Dus worden zij, voor zover mogelijk, betrokken bij uw behandeling.

  • Mag ik mijn huisdier meenemen bij een behandeling?

    Nee, huisdieren zijn niet toegestaan in de kliniek.

  • Moet ik altijd naar een kliniek?

    Nee, zeker niet. De meeste cliënten blijven gewoon in hun eigen omgeving en komen voor behandeling naar een locatie van Tactus.

  • Kan ik bij Tactus ook een online behandeling volgen?

    Bij Tactus kun je een online behandeling volgen. Wil je hier meer over weten, kijk dan op www.internetbehandeling.nl

  • Welke verslavingen behandelen jullie?

    We zijn er voor mensen met problemen op het gebied van alcohol, drugs, medicijnen, gamen en gokken. Ook bieden we hulp bij eetproblemen. 

  • Kan ik inzage krijgen in mijn dossier?

    U heeft het recht uw medisch dossier in te zien. Iedereen van 12 jaar en ouder kan mondeling of schriftelijk een verzoek doen. Uw familieleden hebben hebben alleen recht op inzage in uw dossier als ze van u een schriftelijke machtiging hebben.

  • Cannabis

    • Wat is schadelijker, het roken van cannabis of alcohol?

      Kort antwoord: Matig alcoholgebruik is niet schadelijk. Matig cannabisgebruik wel, namelijk voor de longen.

      Lang antwoord:
      We geven eerst de conclusie en daarna de toelichting.
      Conclusie: Matig alcoholgebruik is niet schadelijk. Matig cannabisgebruik is wel schadelijk, namelijk voor de longen. Onmatig alcoholgebruik is zeer schadelijk. Alcohol wordt dan zeer giftig en tast vele organen aan. Ook de sociale schade wordt dan zeer groot. Onmatig cannabisgebruik tast de longen verder aan en ook zullen er nadelen zijn voor school of werk.

      Echter onmatig alcoholgebruik is vele malen verwoestender dan onmatig cannabisgebruik. Met andere woorden: in het geval van matig gebruik, is het roken van cannabis schadelijker dan alcohol; in het geval van onmatig gebruik zijn beiden schadelijk maar is alcohol schadelijker dan cannabis.

      Toelichting Wat betreft de risico's zijn drugs te beoordelen aan de hand van drie criteria:
      1. Lichamelijke schade
      2. Verslavingskans
      3. Kans om maatschappelijk in de problemen te geraken

      Lichamelijke schade

      Alcohol is bij matig gebruik onschadelijk. Pas bij overmatig gebruik wordt het zeer schadelijk; voor maag, lever en hersenen. Vooral over de invloed van alcohol op de hersenen is de laatste tijd meer duidelijk geworden. Als mannen enkele jaren 25 glazen per week drinken neemt de kans op beschadiging van de hersenen toe. Bij vrouwen ligt dit aantal glazen lager aangezien zij minder lichaamsvocht hebben en daardoor sneller een hogere concentratie bereiken. Bij onmatig alcoholgebruik wordt alcohol zeer schadelijk voor het lichaam.

      Het roken van cannabis is schadelijk voor de longen. Bij roken van marihuana of hasj komt teer en koolmonoxide vrij. Marihuana sigaretten bevatten 70% meer kankerverwekkende stoffen dan normale sigaretten. De manier van roken draagt nog eens extra bij aan de schadelijkheid: je inhaleert diep en houdt de rook ook nog eens langer vast. Daardoor komt een blowtje overeen met 6 normale sigaretten. Een studie beweert zelfs dat wat betreft schadelijkheid een marihuanasigaret te vergelijken is met 20 normale sigaretten (bron: pharmaceutisch weekblad 20 oktober, 2000). Bij onmatig gebruik van cannabis neemt de schade aan de longen verder toe. Zware blowers hebben vaker symptomen van chronische bronchitis en andere luchtwegaandoeningen.

      Verslavingskans

      Cannabis is niet lichamelijk verslavend. Je hebt niet steeds meer nodig en er is pas sprake van milde onthoudingsverschijnselen wanneer iemand zeer lang en veel geblowd heeft. Blowen is wel geestelijk verslavend. Risico hierop lopen vooral mensen die dagelijks gaan blowen en het blowen vooral gaan gebruiken als kalmerend middel. Tabak, en dan vooral de nicotine in tabak, is wel lichamelijk verslavend!

      Alcohol is duidelijk wel verslavend, zowel geestelijk als lichamelijk. Je kunt er sterk naar verlangen, je hebt er steeds meer van nodig en je krijgt, als je regelmatig teveel drinkt, bij het stoppen last van sterke onthoudingsverschijnselen. Zo'n 10% van de gebruikers raakt door alcohol in de problemen terwijl 3% echt verslaafd raakt.

      Maatschappelijke problemen

      Bij matig gebruik heeft alcohol geen negatieve gevolgen. Eenmalig veel drinken kan wel gevolgen hebben voor agressie en verkeer. Langdurig veel drinken kan tot grote problemen leiden, op het gebied van werk, vrienden en partner.

      Matig blowen heeft sociaal gesproken geen negatieve gevolgen. Onmatig blowen kan dat wel hebben. Volgens hulpverleners, leerkrachten en jongerenwerkers worden de maatschappelijke problemen door blowen onderschat. Jongeren lopen achterstanden op in hun persoonlijke ontwikkeling of op school. In veel gevallen gaat het hierbij dan wel om zogenaamde probleemjongeren.

  • Wat zijn de verschillen tussen soft- en harddrugs?

    De wet omschrijft het verschil zo:
    Harddrugs zijn drugs met grote risico's voor de gezondheid, softdrugs zijn drugs met een geringer risico.

    De grondslag voor het onderscheid tussen soft- en harddrugs ligt bij een in 1972 gepubliceerd rapport van een door de regering ingestelde commissie. Deze commissie, de Commissie Baan, beoordeelde drugs aan de hand van een gevarenschaal. Er werd o.a. gekeken naar lichamelijke gevolgen, naar de kans op lichamelijke en geestelijke afhankelijkheid en de kans op maatschappelijke problemen. Op grond hiervan werden hasj en wiet in een aparte groep opgedeeld. Ze werden gezien als drugs met een geringer risico ofwel, de softdrugs. Alle overige drugs werden beschouwd als harddrugs. In 1976 leidde het rapport van de commissie Baan tot een verandering van de opiumwet. De wet kent nu twee lijsten waarop alle drugs vermeld staan. De harddrugs staan op lijst 1. Hierop staan drugs als heroïne, cocaïne, amfetamine en XTC. Hasj en wiet staan als enige op lijst 2.
    De straffen die je kunt krijgen voor bezit, productie of handel in drugs zijn voor lijst 2 veel lichter dan voor lijst 1. In geval van lijst 2 kan onder bepaalde voorwaarden zelfs afgezien worden van vervolging. Daarom mogen coffeeshops hasj en wiet verkopen.

    Het onderscheid tussen soft- en harddrugs gaat op het nivo van de gebruiker niet altijd op. Er zijn gebruikers die softdrugs op een harde manier gebruiken. Bijvoorbeeld gebruikers die elke dag blowen en een groot deel van de dag stoned zijn. Daarentegen zijn er ook gebruikers die harddrugs op een zeer behoedzame, haast softe manier, gebruiken.

    In Frankrijk heeft een medisch wetenschappelijk instituut (Inserm) op verzoek van de Franse regering de verschillende drugs ook op een gevarenschaal beoordeeld. Zij deed dat aan de hand vijf criteria te weten: lichamelijke afhankelijkheid, geestelijke afhankelijkheid, algemene giftigheid, neurologische giftigheid en maatschappelijke risico's. Min of meer dezelfde criteria als de Commissie Baan. Op grond hiervan werden drugs in drie groepen ingedeeld. (De Commissie Baan deelde de drugs in twee groepen in.) In de eerste, meest risicovolle groep, zitten: alcohol, heroïne en cocaïne. In de tweede groep zitten: XTC, tabak en slaap- en kalmeringsmiddelen. In de derde, minst risicovolle groep, zitten de cannabisproducten. In dit Franse rapport werd alcohol dus in dezelfde categorie geplaatst als heroïne terwijl cannabis als de minst gevaarlijke drug werd beschouwd. Dit alles was voor Frankrijk behoorlijk schokkend.

    Of het rapport van dit instituut evenveel invloed zal hebben op de Franse wetgeving als het rapport van de commissie Baan op de Nederlandse wetgeving valt voorlopig echter ernstig te betwijfelen.

  • Ik blow elke dag. Sinds kort heb ik een hese stem. Kan dat van het blowen komen?

    Kort antwoord:

    Ja dat kan. Bij het roken van wiet komt, net als bij het roken van tabak, teer en koolmonoxide vrij. Teer kan de stembanden aantasten.

    Lang antwoord:

    Stembanden bevinden zich in de luchtweg. Als je geluid wil maken breng je je stembanden bij elkaar. De door de nauwe opening stromende lucht brengt de stembanden in een trilling. Hierdoor gaat de lucht trillen en ontstaat geluid.
    De stembanden zijn eigenlijk een soort plooien van slijmvlies met spiertjes die voor spanning kunnen zorgen. Teer zet zich af op het slijmvlies. Niet alleen op de stembanden maar op het gehele slijmvlies van de luchtwegen dat loopt van je neus tot diep in je longen. Het slijmvlies heeft o.a. als taak het afvoeren van vuil. Door het teer kan het slijmvlies die taak minder goed vervullen. Het vuil blijft zitten en als reactie wordt extra slijm geproduceerd.

    Waarom verandert je stem nu?
    Het slijm wat door het roken wordt veroorzaakt hoopt zich op in je keel. Het kan je stembanden alleen passeren door te hoesten. Je stembanden raken hierdoor geïrriteerd waardoor de slijmliezen opzwellen. Het weefsel van de stembanden is dan verdikt. De normale trilling van de stembanden wordt belemmerd en de helderheid van je stem is verdwenen. Ook kan roken tot een chronische verdikking van de stembanden leiden. Onder het slijmvlies van de stembanden hoopt zich dan weefselvocht op. De stembanden kunnen daardoor moeilijker trillen. Met name de hogere tonen geven dan problemen. De stem klinkt monotoon en hees. Ook kan zich een poliep vormen op de stemband. Er ontstaat een beperkte verdikking en ook hierdoor kan je stem hees klinken. Het goede nieuws is dat de slijmvliezen zich kunnen herstellen als ze niet langer door rook geïrriteerd worden.
    Bij blijvende heesheid is het overigens verstandig om je huisarts te raadplegen

    Zie ook de vraag bij tabak: "Welke weg legt rook af door je lichaam?"

  • Meeblowen: is meeblowen schadelijk ?

    Kort antwoord:

    Meeblowen is schadelijk omdat je (net zoals bij tabak) van hasj en wiet ook teer en koolmonoxide binnenkrijgt. Uiteraard is dit wel minder dan bij zelf roken. Ter vergelijking wordt wel gezegd dat het 40 uur samenzijn met iemand die continu sigaretten rookt te vergelijken is met het roken van 5 sigaretten.

    Lang antwoord:

    Als je in een omgeving bent waarin wordt geblowd, dan rook je in feite mee doordat je bij het ademen de vrijgekomen rook binnenkrijgt. Net als bij het meeroken van tabak, is het meeroken van wiet of hasj schadelijk voor de longen.
    De rook van hasj bevat naast THC ook koolmonoxide en teer. Wordt hasj of wiet met tabak vermengd dan bevat de rook ook nog nicotine. Waarschijnlijk zijn de hoeveelheden THC en nicotine te gering om een psychisch effect te veroorzaken. Maar de hoeveelheden teer en koolmonoxide die je inademt kunnen op den duur wel lichamelijke schade aanrichten. Dat komt omdat teer schadelijk is voor de longen en koolmonoxide de zuurstof in het bloed verdringt waardoor organen minder zuurstof krijgen. Ook beschadigt koolmonoxide de bloedvaten. Als je meerookt krijg je natuurlijk veel minder teer en koolmonoxide binnen dan als je zelf rookt. Maar je krijgt wel degelijk iets binnen. Er wordt wel gezegd dat 40 uur samen zijn met iemand die tabak rookt, gelijk staat aan het roken van ongeveer 5 sigaretten (Bron: Defacto, Stichting Volksgezondheid en Roken). Door het meeroken van tabak sterven er jaarlijks ongeveer 200 mensen aan longkanker.
    Het meeroken is ook schadelijk voor baby's en kinderen. Doordat zij een fijnere bouw van de luchtwegen hebben, kunnen zij meer last hebben van de rook. Ook bij zwangerschap rookt de baby mee, waardoor deze eveneens koolmonoxide en nicotine binnenkrijgt. De baby krijgt hierdoor minder zuurstof. Hierdoor zou de baby bij geboorte kleiner kunnen zijn en een grotere kans op ziekte kunnen hebben.

    Er zijn dus redenen om aan anderen te vragen niet te blowen in jou nabijheid en hier duidelijke afspraken over te maken. Onder de vraag 'Softdrugs en zwangerschap, wat zijn de risico's?' kun je meer lezen over de gevaren van het roken voor hasj wiet en tabak op het ongeboren kind.

  • Val je van blowen af of alleen van een harddrug als amfetamine?

    Kort antwoord: Nee, cannabis is niet van invloed op de stofwisseling. Je valt dus niet van af.

    Lang antwoord:
    Cannabis heeft geen stimulerende werking op de stofwisseling. Het heeft daarentegen wel een stimulerend effect op de eetlust. Veel blowers krijgen een 'vreetkick' van blowen. Vooral zoete dingen hebben daarbij de voorkeur. Deze behoefte aan zoetigheid treedt meestal binnen een uur na het blowen op. Cannabis wordt zelfs wel eens gebruikt om de eetlust te stimuleren, bijvoorbeeld bij Aidspatiënten. In Nederland wordt cannabis vaak gecombineerd met tabak. Dat heeft onder andere het nadeel dat mensen ook nicotine binnen krijgen. Nicotine heeft een eetlust remmende werking. Mogelijk dat de eetlust remmende werking van nicotine en eetlust stimulerende werking van cannabis elkaar opheffen. Stimulerende drugs, zoals cocaïne, amfetamine en efedrine onderdrukken wel de eetlust. De stofwisseling wordt verhoogd, het hart gaat sneller kloppen en de spijsvertering wordt onderdrukt. Door het onderdrukken van de eetlust ga je minder eten en val je af. De spijsvertering wordt minder doordat zowel de darmbewegingen als de bloedtoevoer naar de darmen afnemen. Daardoor verlaat een deel van het voedsel ongebruikt het lichaam. Probleem bij deze middelen is dat je voor het onderdrukken van de eetlust tolerantie ontwikkelt. Je went eraan. Reeds binnen een maand kan amfetamine het hongergevoel niet meer onderdrukken en heb je al een hogere dosis nodig. Stop je na verloop van tijd met gebruik dan krijg je een enorme honger en ga je veel eten. Het afslankeffect is dus op zijn hoogst tijdelijk. Mensen die blijven slikken lopen door het gebruik van deze middelen het risico ernstig in de problemen te komen. Gebruikers voelen zich opgejaagd, worden schrikkerig en hebben kans op depressieve klachten. Bovendien kunnen zij aan amfetamine verslaafd raken. Als afslankmiddel zijn deze middelen dus niet zo geslaagd. Er zijn betere methoden om af te vallen: - een half uur per dag extra bewegen - veel groente, fruit, brood en weinig vette producten eten. Wees zuinig met tussendoortjes. Zie ook de site van de netdokter. Klik 'zoek' aan, type voeding in en kijk bij afvallen.

  • Hoe denkt Tactus over coffeeshops?

    Sinds 1976 wordt het gebruik van softdrugs in Nederland gedoogd. Een van de redenen van dit gedoogbeleid is het gebruik van softdrugs uit de sfeer van misdadigheid te halen, omdat het zo beter hanteerbaar is. Bovendien zien we steeds meer dat coffeeshophouders betrokken worden bij voorlichting aan de klant over effecten van het gebruik. Het gedogen houdt in dat de verkoop en het gebruik van softdrugs wordt toegestaan. Ondanks dit gedoogbeleid is het softdruggebruik de afgelopen jaren nagenoeg niet gestegen. Dit zijn de positieve kanten die Tactus ook onderschrijft. Dat wil niet zeggen dat het huidige gedoogbeleid en de verkoop van cannabis via coffeeshops zonder problemen is. Het gedogen van softdrugs op de manier waarop we dat nu doen heeft bewezen ook belangrijke keerzijden te hebben. Op dit moment is er nauwelijks controle op de softdrugs die in de coffeeshops te koop is (waar komt deze vandaan?). De verkoop van veredelde nederwiet met een hoog THC-gehalte roept op zijn minst veel vragen op die dit moment niet van een antwoord kunnen worden voorzien. Ook stelt de inconsequentie van het gedoogbeleid (softdrugs mogen worden verkocht en gebruikt, maar niet worden geproduceerd en verhandeld) lokale bestuurders voor problemen b.v. de toeloop van drugstoeristen in grensgemeenten als Venlo en Enschede.

  • Cocaïne

    • Wat is het verschil tussen basecoke, crack en ice

      Voordat we ingaan op het verschil, kijken we eerst naar de overeenkomst. De overeenkomst is dat alle drie de middelen gerookt worden. Bij roken komt de werkzame stof via de longen in je bloed.

      Basecoke en crack zijn beide afgeleid van cocaïne. Cocaïne kun je eigenlijk niet roken. Bij verhitting valt het voor een groot deel uiteen in afbraakproducten die geen effect opleveren. Slechts een klein gedeelte van de cocaine zorgt voor een kort hevig effect. Om het te kunnen roken, moet je het omzetten in een andere stof. (Het moet van een zout in een base worden omgezet.) Je kan daarvoor bakpoeder, maagzout of ammonia gebruiken. Meestal wordt er een papje gemaakt van cocaïne, maagzout en water, dat vervolgens wordt verhit. Er ontstaat een klont die je in een pijpje kunt roken. Als je weinig water en veel maagzout gebruikt, krijg je crack. De klont bestaat dan uit cocaïnebase, maagzout en de oorspronkelijke versnijdingen. Als je het rookt, maakt het een krakend geluid. Vandaar de naam crack.

      Gebruik je veel water en weinig maagzout, dan ontstaat basecoke of gekookte coke. Basecoke of gekookte coke bevat geen verontreinigingen. De versnijdingen en het maagzout blijven in het water achter. (Je kan basecoke ook met ammonia maken, maar de bereiding daarvan is schadelijk voor je longen.) Basecoke, gekookte coke of borri-borri is dus zuivere cocaïnebase, terwijl crack cocaïnebase is vermengd met maagzout en versnijdingsmiddelen. De werkzame stof van beide producten is echter dezelfde. In Nederland komt vrijwel geen crack voor, maar wel basecoke of gekookte coke.
      De werking van basecoke en crack is veel sneller en heviger dan die van gewone cocaïne. De effecten komen al na 8 seconden en maximaal duurt het effect enkele minuten. De risico\'s die met het gebruik samenhangen, zijn echter nog veel groter dan bij gewone cocaïne.

      Ice is geen cocaïne maar een zuivere rookbare methylamfetamine. Net zoals bij basecoke en crack het geval is, moet je om ice te krijgen de methylamfetamine eerst in een rookbare vorm omzetten. Ice wordt ook wel glass, chrystal of crank genoemd. Andere namen zijn yaba en shaboo. Het middel wordt in Azië en op beperkte schaal in de Verenigde Staten gebruikt Het ziet eruit als een wit kristalachtig poeder. De effecten zijn heviger dan bij gewone amfetamine en kunnen afhankelijk van de dosering tussen de 8 en 24 uur aanhouden. De risico's zijn net als bij crack groot. Het jaagt de bloeddruk op en is verslavend. Ook zou het tot blijvende hersenbeschadiging kunnen leiden.

  • Hoe lang blijft cocaïne in je bloed na een nacht gebruik?

    Cocaïne komt via het slijmvlies in het bloed. De eerste 20 minuten stijgt de concentratie heel snel. Na een uur is de concentratie maximaal en daarna neemt ze geleidelijk af. Overigens voel je de psychische effecten vooral in het eerste half uur. De effecten treden met name op in de periode waarin de concentratie van cocaïne in het bloed het snelst verandert. En dat is in het begin. De halfwaarde tijd van cocaïne is ongeveer een uur. Dat wil zeggen dat na een uur de helft van de cocaïne uit het bloed verdwenen is. De hoogste concentratie wordt na een uur bereikt, dus twee uur na inname is ongeveer de helft verdwenen. Vijf uur na inname is de cocaïne voor 98 % uit het bloed verdwenen. Cocaïne wordt afgebroken door de lever. Zij doet dat met een snelheid van 30 tot 40 milligram per uur. Bij afbraak wordt de cocaïne omgezet in een aantal andere stoffen. Deze afbraakstoffen (ofwel metabolieten) zitten veel langer in het lichaam. Bij een eventuele test op cocaïne, onderzoekt men of deze afbraakstoffen in de urine zitten. De afbraakstoffen zijn afhankelijk van het type test tot maximaal 7 dagen aantoonbaar. Bij sollicitaties en bij keuringen wordt bij hoge uitzondering op drugs getest en alleen na jouw uitdrukkelijke toestemming.

  • Met hoeveel gram cocaïne in huis zal de politie je arresteren?

    In de Nederlandse Opiumwet wordt een onderscheid gemaakt tussen het gebruik van drugs en de handel erin. Bij gebruikers heeft de wet het over `een geringe hoeveelheid bestemd voor eigen gebruik'. Het Openbaar Ministerie heeft richtlijnen uitgegeven die aangeven welke straffen rechters moeten opleggen bij overtreding van de Opiumwet. In die richtlijnen is ook aangegeven wat onder `een geringe hoeveelheid bestemd voor eigen gebruik' moet worden verstaan. Bij harddrugs is dat meestal de hoeveelheid die je voor één keer gebruiken nodig hebt. Bezit je meer dan die hoeveelheid, dan zal al snel het vermoeden rijzen dat je er in handelt. Er is dan sprake van bezit met dealerindicatie. Hieronder staat weergegeven welke hoeveelheden worden opgevat als bezit voor eigen gebruik.

    Hasj, wiet tot 5 gram
    Cocaïne 0,5 gram
    Heroïne 0,5 gram
    XTC 1 pil
    Hennepteelt tot 5 planten

    Treft de politie niet meer dan een van deze hoeveelheden aan, dan krijg je geen straf. Wel moet de politie in geval van harddrugs de middelen altijd in beslag nemen. Bij hasj en wiet gebeurt dat niet altijd. In juridische termen heet dat "sepot met afstand". Als er bij deze hoeveelheden uit andere gegevens mocht blijken dat er toch sprake is van dealerindicatie, word je uiteraard wel gestraft. Bezit je meer, dan lopen de straffen op. Bij 0,5 tot 5 gram cocaïne en heroïne of bij bezit van 1 tot 10 XTC pillen kun je een gevangenisstraf krijgen variërend van 1 week voorwaardelijk tot 2 maanden. Van 5 tot 30 gram cocaïne of heroïne of bij bezit van 10 tot 30 XTC pillen kun je tot 6 maanden gevangenisstraf krijgen. Bij 5 tot 30 gram cannabis kun je een boete krijgen van 50 tot 150 gulden. Bij 30 tot 1000 gram cannabis krijg je een boete van 5 tot 10 gulden per gram. Het maakt niet uit of de politie deze hoeveelheden bij jou op straat of thuis aantreft. Feit is natuurlijk wel dat de politie niet zo maar je huis mag binnenvallen. Zij moet je ergens van verdenken en een huiszoekingsbevel hebben.

  • Wat is erger voor je: een pilletje of een lijntje coke? Wat is erger voor lichaam en geest?

    Drugs vergelijken is moeilijk. Het heeft ook te maken met de mate waarin je ze gebruikt. Wat betreft risico's kun je drugs beoordelen aan de hand van drie criteria: 1 lichamelijke schade 2. verslavingskans 3. sociale schade Hoe scoren XTC en cocaïne volgens deze criteria Lichamelijke schade Lichamelijk gezien bestaat bij XTC het risico op oververhitting en op beschadiging van bepaalde zenuwen. Oververhitting kan dodelijk verlopen maar is gemakkelijk te voorkomen. Door de beschadiging van zenuwen kan de afgifte van een bepaald stofje in de hersenen, namelijk serotonine, verstoord worden. Dat kan gevolgen hebben voor geheugen, concentratie en stemming. De lichamelijke risico's bij het snuiven van cocaïne zijn een pijnlijke en op den duur beschadigde neus. Je kunt als je lang en veel gebruikt chronisch verkouden worden. Reuk, geur en smaak kunnen achteruit gaan. Verder is cocaïne een belasting voor het hart en de bloedvaten. Ook leidt cocaïnegebruik tijdens het uitgaan nogal eens tot overmatig alcoholgebruik. Ook dat heeft zo zijn nadelen. Vergelijking is moeilijk, maar beide drugs hebben duidelijke lichamelijke risico's. Verslavingskans XTC is nauwelijks verslavend. Het wordt al sinds 1988 gebruikt, maar het aantal aanmeldingen wegens verslavingsproblemen is uiterst beperkt gebleven. Wel zie je dat sommige mensen een feest niet meer leuk vinden zonder het gebruik van XTC. XTC heeft een roes en een energie effect. Aan het roeseffect wen je snel. Na verloop van tijd voel je dat effect niet meer en moet je een tijdje stoppen om het weer te kunnen voelen. Onthoudingsverschijnselen zijn er niet. In vergelijking met XTC is Cocaïne verslavender. Het middel werkt kort en vraagt snel om meer. Mensen kunnen erg naar het middel gaan verlangen. Dat komt doordat de tegenstelling zo groot is tussen het opgewekte gevoel tijdens gebruik en het uitgeputte, vermoeide en soms lichtelijk depressieve gevoel van de volgende dag. Daardoor wordt op een gegeven moment niet alleen meer in het weekend gebruikt, maar ook door de week. Bij heftig gebruik is er bij cocaïne ook sprake van gewenning. Onthoudingsverschijnselen zijn er ook. Je voelt je uitgeput en kunt nergens meer van genieten. Het ontstaan van depressieve gevoelens wordt nogal onderschat. Mensen die veel gebruikt hebben, kunnen na stoppen langdurig last hebben van depressies. Wat de verslavende werking betreft scoort cocaïne dus duidelijk slechter dan XTC. sociale schade Ten slotte de sociale schade. Bij zware XTC-gebruikers is die wel aanwezig. Gebruikers merken dat ze pas in de loop van de week weer een beetje beginnen bij te komen van het gebruik en het feesten. Bij zo-nu-en-dan-gebruik is er geen sociale schade. Bij zo-nu-en-dan-cocaïnegebruik vallen de sociale gevolgen eveneens mee. Vaak ben je echter - ondanks jouw gevoel dat het die avond te gek ging - niet altijd het leukste gezelschap. Je praat honderduit zonder naar de ander te luisteren. Gebruik je vaker - en dat risico zit er bij cocaïne gauw in - dan worden de sociale gevolgen heftiger. Mensen kunnen door cocaïnegebruik veranderen in kattige, geïrriteerde wezens. De verslaving kan ook bijdragen aan een maatschappelijke ontwrichting. Ook wat sociale gevolgen betreft scoort cocaïne dus slechter dan XTC. Een aantal riscico's valt de voorkomen. Kijk daarvoor bij drugsvoorlichting in het drugsschema op deze site.

  • Je hebt twee soorten cocaïne: snuifcoke en rookcoke (crack).

    Snuifcocaïne wordt via het neusslijmvlies opgenomen en komt dan in het bloed terecht. Het niveau van cocaïne in je bloed stijgt langzaam en gaat langzaam weer omlaag. In totaal duren de effecten zo'n 20 à 30 minuten. Snuifcoke wordt soms ook gerookt. Een klein gedeelte van de coke komt dan via je longen in je bloed terecht. Dat geeft een kort en hevig effect. Snuifcoke heeft een smeltpunt van 197 graden Celsius. Boven die temperatuur zou de snuifcoke kunnen verdampen en gerookt kunnen worden, ware het niet dat bij die temperatuur de snuifcoke uiteenvalt en/of verbrandt. Vandaar dat snuifcoke eigenlijk niet kan worden gerookt. Voordat het kan verdampen, is het al geen cocaïne meer. De meeste cocaïne gaat dus bij roken verloren en slechts een gedeelte bereikt je longen. Bij het roken van snuifcoke kunnen kleine deeltjes verbrande cocaïne in de luchtwegen en de longen terechtkomen. Ook andere stoffen die bij de verbranding vrijkomen, kunnen in je longen terechtkomen. Dat is schadelijk. De longen zijn overigens wel goed beschermd, want je keel en je luchtwegen vangen de zwaarste klap op. Bij blijvende klachten is het altijd beter om een arts te raadplegen. Rookcoke, basecoke of crack is iets heel anders dan gewone cocaïne. Om het te maken wordt cocaïne vermengd met water en maagzout of ammoniak en dan gekookt. Als je crack rookt, stijgt de het niveau van cocaïne in het bloed zeer snel, maar het gaat ook weer zeer snel omlaag. Het gebruik van crack werkt vele malen verslavender en is vele malen riskanter dan gewone snuifcocaïne. Crack heeft een smeltpunt van 98 graden en begint vanaf die temperatuur te verdampen. Het valt daarbij niet uiteen. Crack kan dus wel gerookt worden. Heroïnegebruikers in Amsterdam, gebruiken ook vaak crack. Zij hebben in toenemende mate longproblemen. Verwacht wordt dat een groot aantal uiteindelijk longemfyseem zal krijgen. De longproblemen ontstaan door het langdurige tabaksgebruik en door het dagelijks inhaleren van cocaïne- en heroïnedampen van een onduidelijke samenstelling.

  • Combi-gebruik

    • Wat gebeurt er als je alcohol en cocaïne samen neemt?

      Kort antwoord: De combi alcohol en cocaïne is een aanslag op je lichaam en vooral op je hart. Het kan overmoedig maken, en agressief.
      Lang antwoord: Gecombineerd gebruik van alcohol en cocaïne is met name slecht voor je hart. Zowel cocaïne als alcohol veroorzaakt een toename van de hartslag. Je hart krijgt daardoor een grotere behoefte aan zuurstof. Cocaïne werkt echter vaatvernauwend, waardoor het hart minder zuurstof krijgt. Bovendien leidt gecombineerd gebruik van cocaïne en alcohol tot de vorming van een nieuwe stof in het lichaam, namelijk cocaethyleen. De werking van cocaethyleen is vergelijkbaar met die van cocaïne. Cocaïne en cocaethyleen jagen je hart verder op. De zuurstofbehoefte neemt toe, terwijl beide stoffen tegelijk zorgen voor een beperking van de zuurstoftoevoer. Dit alles kan leiden tot een acuut zuurstoftekort in de hartspier en tot hartritmestoornissen. Gecombineerd gebruik van alcohol en cocaïne leidt er ook toe dat je meer gaat drinken. Je voelt de alcohol minder, waardoor je blijft drinken. Van de andere kant kan de alcohol helpen om het effect van de cocaïne wat af te zwakken. Je bent meer relaxed en wat minder gespannen. Doordat je de alcohol minder voelt, denk je soms dat je nog kunt rijden. De combinatie maakt je echter ook overmoedig, waardoor rijden absoluut niet gaat. Ook maakt de combinatie soms agressief. Je kunt vooral agressieve gedachten krijgen. Gecombineerd gebruik kan tot slot tot een flinke kater leiden Gebruikers voelen zich de volgende dag gesloopt, uit hun humeur, geprikkeld en licht depressief.

  • Als ik XTC neem kan ik er dan speed bij gebruiken?

    Kort antwoord: Als je speed en XTC combineert wordt de adrenalinehuishouding extra geprikkeld. Door deze extra prikkeling gaan bloeddruk en hartslag omhoog en kun je last krijgen van hartritmestoornissen.

    Lang antwoord: Allereerst raden wij het gecombineerd gebruik van drugs af. De precieze effecten zijn moeilijk voorspelbaar. Over het gebruik van drugs wordt al weinig onderzoek gedaan. Laat staan over het gecombineerd gebruik. Er is vrijwel niets bekend over experimenten met XTC en speed. Bij gecombineerd gebruik ben je dus nog meer dan ooit je eigen proefkonijn. Voor een goed begrip van dit antwoord kun je eventueel ook het antwoord op de vraag lezen: hoe krijg je dat lekkere gevoel bij XTC. Daar wordt ingegaan op de werking van ons zenuwstelsel. Gebruikers van XTC nemen vaak eerst XTC en daarna speed. Gebruikers zeggen dat ze door het gecombineerde gebruik het effect van XTC verlengen. (Bron: Antenne, 96) XTC is een afgeleide van speed ofwel amfetamine. XTC is in feite een amfetamine-achtige stof. Bij gecombineerd gebruik zal het amfetamine effect overheersen. Je zult minder merken van het specifieke effect van XTC. In feite neem je twee keer amfetamine waardoor onaangename effecten kunnen ontstaan. XTC en amfetamine beïnvloeden de werking van neurotransmitters in de hersenen. Neurotransmitters zijn stoffen die een rol spelen bij de overdracht van boodschappen (prikkels) tussen de zenuwen. Neurotransmitters zorgen, afhankelijk van de plek in het zenuwstelsel waar ze voorkomen, dat bepaalde gedeelten van het zenuwstelsel geprikkeld worden waardoor allerlei effecten ontstaan. Zenuwen die serotonine bevatten, liggen in het gedeelte van de hersenen dat ons genot geeft. Zenuwen die adrenaline bevatten zijn betrokken bij de activering van allerlei lichaamsfuncties zoals hartslag en ademhaling. XTC beïnvloedt met name de serotinehuishouding en in iets mindere mate de adrenalinehuishouding. Amfetamine werkt met name op de adrenalinehuishouding maar ook op de serotoninehuishouding. Door amfetamine en XTC te combineren wordt de adrenaline-huishouding extra geprikkeld. Door deze extra prikkeling ontstaat een verhoogde bloeddruk, een verhoogde hartslag en kunnen acute problemen met het hart- en bloedvatenstelsel ontstaan. Het is onbekend bij welke dosissen deze effecten optreden maar duidelijk is dat de risico's toenemen naarmate de dosissen groter worden. Vandaar dat je, door te combineren, je eigen proefkonijn bent. Verder valt te verwachten dat gecombineerd gebruik sneller tot een kater leidt. De zenuwen die betrokken zijn bij afgifte van serotonine en adrenaline raken door het gecombineerde gebruik sneller uitgeput waardoor een leeg gevoel kan ontstaan. Ook is voorstelbaar dat je bij gecombineerd gebruik sneller aan de effecten went waardoor je geneigd bent om grotere dosissen te nemen met alle risico's van dien.

  • Wat gebeurt er als je XTC en wiet of hasj tegelijk gebruikt?

    Kort antwoord: De één zegt dat de stonedheid van het pilletje langer duurt als je erbij blowt; de ander vindt dat hasj/wiet de XTC-roes afzwakt. Anderen merken geen effect van hasj/wiet op XTC. (bron: De Combiroes. Zie Lang antwoord voor meer info).

    Lang antwoord:
    Allereerst raden wij het gecombineerd gebruik van drugs af. Er wordt al weinig onderzoek gedaan naar het gebruik van drugs, laat staan naar combigebruik. De precieze effecten van combigebruik zijn onbekend en -omdat ieder mens anders op drugs reageert- ook moeilijk voorspelbaar. Als je XTC, wiet of hasj of andere middelen door elkaar wilt gebruiken, ben je dus eigenlijk meer dan ooit je eigen proefkonijn. Vorig jaar verscheen het boekje 'De Combiroes; Gecombineerd gebruik van alcohol met cannabis, cocaïne, XTC en amfetamine'. In dit boekje worden een klein aantal jongeren tussen de 21 en 30 ondervraagd over hoe zij gecombineerd gebruik beleven. De Combiroes is dus een oriënterend kwalitatief onderzoek naar ervaringen van gebruikers. Gezien het kleine aantal mensen dat ondervraagd is kunnen de onderzoekers geen wetenschappelijk onderbouwde conclusies trekken. Om dat te kunnen doen, moet een groter aantal jongeren ondervraagd worden. Verder is onderzoek naar lichamelijke gevolgen geen onderdeel van dit rapport. Een dergelijk onderzoek is voor zover ons bekend ook nooit gedaan. Cannabis zou, volgens de gebruikers, geen sterke invloed hebben op de werking van XTC. Sommigen voelen er zelfs nauwelijks iets van, maar dat kan ook komen doordat ze zo gewend zijn aan het effect van blowen. Voor anderen is het belangrijkste effect van de combinatie XTC en blowen dat de stonedheid van het pilletje langer duurt. De één ervaart dat als prettig ook omdat je er wat rustiger van wordt. Dat is ook prettig als je wilt gaan slapen. De ander vindt dat de combinatie de XTC-roes wat afvlakt. Een aantal citaten uit de Combiroes over XTC en cannabis: "Het maakt je pilletje stoneder." "Wat ik prettig vind is XTC met cannabis want dat versterkt elkaar lekker. Als ik blow nadat ik een pilletje heb gebruikt voel ik langer het pilletje. Je houdt langer het gevoel van uit je dak zijn, dan zonder wiet." "Na XTC kan cannabis best lekker zijn, ook al kun je er sloom van worden." Eén meisje is negatief over de combinatie XTC en cannabis. Ze is bang dan knock-out te gaan. Een jongen vindt het vooral onhandig om te blowen als hij onder invloed van XTC aan het dansen is. Hij zegt: "Op pillen ben ik altijd heel druk aan het dansen. Bijna het hele feest sta ik dan op de dansvloer te zweten. Het is te veel gedoe om er ook nog eens bij de blowen." (bron: De Combiroes; Gecombineerd gebruik van alcohol met cannabis, cocaïne, XTC en amfetamine; door Ton Nabben en Dirk Jan Korf; Thela Thesis Amsterdam; ISBN: 90 5170 524 7)

  • Wat doen XTC en cocaïne wanneer je die tegelijkertijd gebruikt?

    Kort antwoord: Als je XTC en cocaïne combineert wordt de adrenaline-huishouding extra geprikkeld. Door deze toegenomen prikkeling ontstaat een verhoogde bloeddruk, een verhoogde hartslag en kunnen acute problemen met het hart- en bloedvatenstelsel ontstaan.

    Lang antwoord:
    Allereerst raden wij het gecombineerd gebruik van drugs af. De precieze effecten zijn moeilijk voorspelbaar. Naar het gebruik van drugs wordt al weinig onderzoek gedaan, laat staan dat men onderzoek doet naar gecombineerd gebruik. Er is vrijwel niets bekend over experimenten met XTC en cocaïne. Bij gecombineerd gebruik ben je dus nog meer dan ooit je eigen proefkonijn. Voor een goed begrip van dit antwoord, kun je eventueel ook het antwoord op de vraag lezen: hoe krijg je dat lekkere gevoel bij XTC. Daar wordt ingegaan op de werking van ons zenuwstelsel. Gebruikers die XTC met cocaïne combineren nemen meestal eerst XTC en daarna cocaïne. Gebruikers die combineren zeggen dan, dat de combinatie hen zou helpen om de "stonedheid" van XTC, die soms urenlang kan aanhouden, af te zwakken. Die stonedheid laat zich het best omschrijven als een sloom, rustig gevoel waarbij men soms in zich zelf gekeerd is, dan weer urenlang doorpraat zonder dat het ergens over gaat. De cocaïne maakt hen weer helder en ze voelen zich niet meer zo'n zombie. Ze gebruiken het als het ware om zich weer wat energieker te voelen. (Bron Antenne, 1997). Wat kun je nu over deze combinatie zeggen: XTC en cocaïne beïnvloeden de werking van neurotransmitters in de hersenen. Neurotransmitters zijn stoffen die een rol spelen bij de overdracht van boodschappen (prikkels) tussen de zenuwen. Neurotransmitters zorgen ervoor dat, afhankelijk van de plek in het zenuwstelsel waar ze voorkomen, bepaalde gedeelten van het zenuwstelsel geprikkeld worden waardoor allerlei effecten ontstaan. XTC en cocaïne activeren de zenuwen die serotonine, noradrenaline en dopamine afscheiden. Zenuwen die serotonine bevatten liggen in het gedeelte van de hersenen dat ons genot geeft. Zenuwen die adrenaline bevatten zijn betrokken bij de activering van allerlei lichaamsfuncties zoals hartslag en ademhaling. Zenuwen die dopamine bevatten liggen in die gedeelten van de hersenen die ons genot verschaffen, onze schrikreacties regelen en onze gedachten in overeenstemming brengen met de werkelijkheid. Overstimulering van ons schrikcentrum kan leiden tot paranoïde gedrag terwijl een teveel aan dopamine ook kan leiden tot verwardheid. XTC beïnvloedt met name de serotinehuishouding en in mindere mate de adrenaline- en dopaminehuishouding. Cocaïne werkt met name op de adrenaline- en dopaminehuishouding en in mindere mate op de serotoninehuishouding. Door XTC en cocaïne te combineren wordt de adrenaline-huishouding extra geprikkeld. Door deze toegenomen prikkeling ontstaat een verhoogde bloeddruk, een verhoogde hartslag en kunnen acute problemen met het hart- en bloedvatenstelsel ontstaan. Het is onbekend bij welke dosissen deze effecten optreden maar duidelijk is dat de risico's toenemen naarmate de dosissen groter worden. Vandaar dat je, door te combineren, je eigen proefkonijn bent. Ook de dopamine-huishouding wordt extra geprikkeld. Dat zou kunnen leiden tot een tijdelijke verwardheid. Worden beide middelen lange tijd gecombineerd dan zou een door drugs veroorzaakte psychose kunnen ontstaan. Verder valt te verwachten dat gecombineerd gebruik sneller tot een kater leidt. De zenuwen die betrokken zijn bij afgifte van serotonine en adrenaline raken door het gecombineerde gebruik sneller uitgeput waardoor de volgende dagen een leeg gevoel kan ontstaan. Ook is voorstelbaar dat je bij gecombineerd gebruik sneller aan de effecten went waardoor je geneigd bent om grotere dosissen te nemen met alle risico's van dien.

  • Als ik uitga, ga ik eerst even blowen voordat ik ga drinken.

    Kort antwoord: Het gevoel dat je eerder dronken wordt, is schijn. Cannabis vertraagt juist de opname van alcohol.

    Lang antwoord:
    Je bent stoned en je drinkt er nog bij. Omdat je jezelf twee keer onder invloed brengt, beleef je dat wellicht als een extra dronken gevoel. Feitelijk zou het echter precies andersom moeten zijn. Cannabis vertraagt namelijk de opname van alcohol iets en zorgt ervoor dat je bloedspiegel lager wordt.

  • Contact

    • Hoe kan ik Tactus bereiken?

      Dat kan op verschillende manieren. Kijk op onze contactpagina voor de mogelijkheden. 

  • Kan ik als student informatie krijgen?

    Veel informatie en antwoorden zijn terug te vinden op onze website en op drankendrugs.nl. Ook de pagina's middeleninformatie en veelgestelde vragen bevatten veel informatie. Vragen over werk en opleidingen kunnen gemaild worden naar hrm@tactus.nl

    Let op: Verzoeken aan Tactus per telefoon of per mail voor interviews, werkbezoeken, afnemen van vragenlijsten etc. is niet mogelijk.

  • GHB

    • Is GHB sex opwekkend?

      GHB is een narcosemiddel dat gebruikt werd bij operaties. Probleem bij GHB is dat de dosering heel precies moet gebeuren. Dat precies doseren is moeilijk omdat je niet weet hoeveel GHB er in een flesje of poeder zit. Bij een klein beetje teveel kun je al in een diepe slaap vallen. Bij nog meer kun je bewusteloos raken en ernstige ademhalingsproblemen krijgen. Je mag GHB nooit combineren met alcohol omdat deze middelen elkaar versterken en de kans op een overdosis vergroot wordt. Gebruikers zeggen dat GHB kan als lustopwekkend middel gebruikt kan worden. Je raakt dan ontremd en wordt gevoeliger. Om het als lustopwekkend middel te gebruiken volstaat een lage dosis. Ervaren volwassen gebruikers hebben het over een dosis van een 1/2 tot 3/4 gram. Vanwege het gevaar van overdosis blijft GHB echter een link middel. Mensen die kiezen voor gebruik moeten altijd zorgen dat er iemand bij is die op hen kan letten. GHB in het verkeer is ook gevaarlijk. Je reactie- en coördinatievermogen blijven na inname nog enige uren verstoord.

  • GHB smaakt hartstikke vies. Hoe is het dan mogelijk dat dat stiekem aan iemand wordt gegeven?

    Er zijn veel wildwestverhalen over de zogenaamde verkrachtingsdrug GHB. Wildwest omdat, gesteld dat iemand in een discotheek stiekem GHB toegediend krijgt en in een diepe slaap valt, het niet zo gemakkelijk is zo iemand ongemerkt naar buiten te brengen. Dat valt onmiddellijk op. Bij iemand thuis kan dat anders liggen. Maar inderdaad, GHB heeft een zoutige smaak. En dat proef je. Echter als iemand dronken is, raakt zijn smaak verdoofd. Een zoet of een mixdrankje kan in dat geval de zoutige smaak verder verdoezelen. De politie heeft een aantal verkrachtingszaken in onderzoek waarbij GHB gebruikt zou zijn. In het algemeen kan het geen kwaad om als je het ergens niet vertrouwt, goed op je drankje te letten. Als je met zijn tweëen of met meerd mensen uitgaat en je let een beetje op elkaar, kan er ook niks gebeuren.

  • In hoeverre zijn GHB en GBL verboden?

    GHB (Gamma-Hydroxy-Butyraat) valt momenteel onder de "Wet op de Geneesmiddelenvoorziening" (WOG) en sinds oktober 2002 ook onder de Opiumwet. GHB is oorspronkelijk ontwikkeld als narcosemiddel. Ook wordt het in sommige Europese landen wel gebruikt als middel voor behandeling van bepaalde slaapstoornissen en behandeling van onthoudingsverschijnselen bij alcoholproblemen. De Wet op de Geneesmiddelenvoorziening verbiedt aan personen die daarvoor geen vergunning hebben om geneesmiddelen te maken of te verkopen. Iemand die deze bepaling in de wet overtreedt pleegt een economisch delict en kan gestraft worden met een gevangenisstaf van 6 jaar of fl. 100.000,- boete. Sinds oktober 2002 valt het middel ook onder de Opiumwet, zodat de overheid meer mogelijkheden heeft om op te treden tegen de handel in GHB. Tot 7 mei 1996 was GHB in smartshops verkrijgbaar. De Inspectie voor de Gezondheidszorg, de instantie die de controle op de Wet op de Geneesmiddelenvoorziening naleeft, heeft de verkoop van GHB dan ook verboden. Dat gebeurde nadat zes jongeren in het ziekenhuis moesten worden opgenomen na het gebruik van GHB. In Nederland is GHB een niet-geregistreerd geneesmiddel. Dat betekent onder andere dat het niet is getoetst is op criteria als werking, schadelijkheid en deugdelijkheid. Om voor registratie als geneesmiddel in aanmerking te komen moeten over dit soort aspecten allerlei onderzoeksgegevens overlegd worden. Iemand die een geneesmiddel verkoopt waarvan de inschrijving is geschorst kan eveneens gestraft worden met een gevangenisstraf van 6 jaar. Toch zou een apotheek als het middel uitsluitend voor eigen gebruik aangewend wordt, het in bepaalde gevallen wel mogen leveren. In de eerste plaats zal de apotheek dan een recept van een arts moeten hebben. GHB is zoals dat heet receptplichtig. Het is voorstelbaar dat een arts het bij een van bovengenoemde aandoeningen zou willen voorschrijven. Dat is overigens zeer onwaarschijnlijk omdat er voor de betreffende aandoeningen betere medicijnen zijn. De apotheker zal omdat het een niet geregistreerd geneesmiddel betreft, bij het recept de nodige vragen hebben. Zo zal hij van de arts zwart op wit willen hebben waarvoor hij de GHB wil voorschrijven. Verder moet de arts aan een aantal voorwaarden voldoen. Hij moet de patiënt erop wijzen dat het middel voor de betreffende aandoening, niet geregistreerd is en niet is getoetst op werkzaamheid en schadelijkheid. Voorts draagt de arts de volledige verantwoordelijkheid voor de behandeling, ingeval er iets mis mocht gaan. Tenslotte moet hij alle ziekteverschijnselen die ontstaan en toe te schrijven zijn aan GHB melden bij de Inspectie. GBL (Gamma-butyrolacton) is een van de twee chemische bestanddelen van GHB. In het lichaam wordt GBL omgezet in GHB en de effecten lijken sterk op elkaar. De benodigde dosis is echter kleiner waardoor de kans op overdosering reëel is. Nadat GHB verboden was, is in smartshops een tijdlang GBL verkocht. GBL is nooit als geneesmiddel gebruikt maar het wordt wel ingenomen om functies van organen te wijzigen. Op die grond kan het met behulp van de WOG toch in beslag genomen worden. In ieder geval mag GBL op dit moment niet meer in smartshops genomen verkocht worden. Dat is gebeurd omdat in de flesjes GBL die daar verkocht werden toch minieme hoeveelheden GHB gevonden werden.

  • Gokken

    • Waar kan ik hulp vinden voor een familie lid die waarschijnlijk gokverslaafd is?

      Je stelt een vraag over een familielid waarvan je denkt dat deze gokt. Als dat zo is, is het inderdaad verstandig zo snel mogelijk iets aan deze problemen te doen of, als dat nodig mocht zijn, hulp te zoeken. Het ingewikkelde is vaak dat de omgeving eerder ziet dat er dingen fout gaan dan de gokker zelf. Hulp vragen moet de gokker zelf doen. Als omgeving kun je wel proberen de gokker te motiveren om deze hulp te zoeken. Hiervoor zul je sommige dingen wel, maar andere juist ook niet moeten doen. Een aantal tips: 1. De gevolgen van het gokken bij de gokker laten. Dat wil zeggen dat de gokker zelf de problemen die door het gokken ontstaan op moet lossen. Je helpt een gokker niet door hem geld te lenen of schulden voor hem af te betalen. Als het gokken schulden met zich meebrengt, is de gokker daar zelf verantwoordelijk voor en moet hij deze ook zelf terugbetalen. Hoe meer je als omgeving de problemen oplost, hoe makkelijker je het in feite voor de gokker maakt om gewoon door te gaan met gokken. Want hij ervaart geen problemen. Door de gevolgen bij de gokker zelf te laten, bescherm je niet alleen jezelf (want voor je het weet heb JIJ schulden), maar help je ook de gokker. Hij zal sneller in de problemen komen, maar moet ook eerder iets doen om die op te lossen. 2. Praat over de vervelende dingen die jij door het gokken ervaart. Het is belangrijk dat gokkers weten dat hun gokgedrag ook gevolgen heeft voor vrienden en familie. Probeer in een gesprek duidelijk te maken welke dingen JIJ vervelend vindt. Als je bijvoorbeeld uitgaat en het betreffende familielid zit de hele avond achter de gokkast, dan kun je hem natuurlijk verwijten dat hij te veel gokt. Hij wordt dan boos, of ontkent. Daar schiet je dus niets mee op. In plaats van over zijn gokgedrag te praten kun je beter zeggen dat JIJ het een hele vervelende avond hebt gevonden. Dat valt ook niet te ontkennen. Dat is immers wat jij ervaren hebt. Je laat dan merken wat zijn gokken voor invloed op jou heeft. Hij kan dan zelf zijn conclusies trekken. 3. Verwijt niet alleen, maar toon ook begrip De gokker overstelpen met verwijten heeft meestal een averechts effect. Een gokker voelt zich toch al schuldig en al die verwijten vergroten het schuldgevoel. En om die schuldgevoelens weer kwijt te raken.juist gaat hij weer gokken. Want gokken geeft spanning en de schuldgevoelens verdwijnen dan weer (even). Het is belangrijk om, hoe moeilijk dat ook kan zijn, begrip op te brengen voor de problemen van een gokker. Want bij mensen die gokverslaafd zijn, kan een kleine aanleiding, langs een gokhal lopen of een berichtje in de krant lezen, al aanleiding zijn te gaan gokken. En staat hij eenmaal achter de fruitautomaat, dan kan hij niet meer stoppen. Laat de gokker weten dat je wel bereid bent om te helpen en met hem over problemen te praten. Tegelijkertijd moet je er duidelijk in zijn dat de gevolgen van het gokken voor hem zijn. Samen zou je dan kunnen nagaan, wat er gedaan kan of moet worden om uit de problemen te komen. Kijk bij het kopje benadering gebruikers ook eens naar de vraag: \'Af en toe probeer ik iemand bij te staan met een ernstig alcoholprobleem. Kunt u mij adviseren\'. 4. Waar kun je hulp krijgen In Nederland zijn er in iedere regio instellingen voor verslavingszorg. Hier kan iedereen terecht met alcohol-, drugs en gokproblemen. Kijk in het telefoonboek of bel alcoholinfolijn 09OO 500 20 21. Als u na de pieptoon een nul kiest en daarna een 4 intoetst, wordt u gevraagd uw postcode in te toetsen. U krijgt dan het adres en telefoonnummer van de dichtsbijzijnde verslavingszorginstelling. Naast deze professionele hulp zijn er ook zelfhulpgroepen voor gokkers. In deze groepen praten gokkers met elkaar en steunen elkaar om te stoppen. Ze zijn verenigd in de AGOG, de Stichting Anonieme Gokkers Omgeving Gokkers. Voor informatie kun je bellen naar 040 251 00 59 of kijken op de website van de Anonieme gokkers.

  • Zijn er wetten rond gokken?

    Het gokbeleid in Nederland ligt vast in de wet op de kanspelen. Deze wet hanteert als uitgangspunt dat het menselijk verlangen om te gokken een realiteit is. Aan het gokken moet dan ook ruimte geboden worden. Enerzijds omdat mensen het blijkbaar graag doen. Anderzijds om te verhinderen dat mensen illegaal gaan gokken of in het buitenland gaan spelen. Wel vindt de overheid dat de risico's voor mens en maatschappij zo klein mogelijk moeten worden gemaakt. Daarom zijn er in de wet zijn een groot aantal bepalingen opgenomen over loterijen, casinospelen en gokkasten. Loterijen. Voor het organiseren van een loterij is een vergunning nodig. Die kun je krijgen bij de burgemeester of het ministerie van Justitie. Voorwaarde voor het verkrijgen van een vergunning is, dat met de opbrengst van een loterij het algemeen belang moet worden gediend. 60% van de opbrengst moet worden besteed aan sport, cultuur of de volksgezondheid. De overige 40% van de opbrengst mag besteed worden aan prijzen en onkosten. Er zijn in Nederland een groot aantal loterijen. De vergunninghouders zijn in de regel stichtingen. Zo is bijvoorbeeld de Stichting Nationale Postcodeloterij, de vergunninghouder voor de postcodeloterij. Casinospelen. Om een casino te openen heb je een vergunning nodig. In Nederland is er maar één instantie die een vergunning heeft: de Nationale Stichting Casinospelen. Bepaald is dat de opbrengsten van de casino's rechtstreeks naar de staat gaan. Aan het personeel dat in de casino's werkt worden hoge eisen gesteld. Je mag alleen in het casino werken als je in het bezit bent van een bewijs van goed gedrag. Dat bewijs krijg je alleen maar als je niet met de politie in aanraking bent geweest. Aan de roulettetafels en ander materiaal worden hoge eisen gesteld. Enkele keren per jaar wordt het spelmateriaal gecontroleerd. Om het casino te bezoeken moet je 18 jaar zijn. Bij entree moet je je legitimeren en de bezoekers worden geregistreerd. Bij oneerlijk spel kun je een entreeverbod krijgen De maximale inzet bedraagt fl. 1000,- De reclame die casino's mogen maken is aan voorschriften gebonden. Zij mogen niet aanzetten tot onmatig spelgedrag. Gokkasten Bij het opstellen van een gokkast zijn vaak twee partijen betrokken. De exploitant en de mede-exploitant. De exploitant is de eigenaar die de gokkast in verschillende gelegenheden opstelt. De mede-exploitant is bijvoorbeeld de caféhouder die een gokkast in zijn zaak heeft staan. Beiden hebben een vergunning nodig. De exploitant-eigenaar krijgt de vergunning van economische zaken, de mede-exploitant van de gemeente. De opbrengst van de gokkast wordt door beiden gedeeld. Hiermee zijn gokkasten de enige vorm van kanspelen waarbij de winst naar particulieren gaat. De wet op de kanspelen is t.a.v. gokkasten onlangs aangescherpt. De wijzigingen zullen in de loop van het jaar 2000 ingevoerd worden. De belangrijkste bepalingen in de wet gaan over allerlei technische eisen die aan de gokkast zijn gesteld. Zo staat in de wet dat een spelletje niet korter dan drie seconden mag duren, het gemiddeld uurverlies niet groter mag zijn dan fl. 50,- en tenminste 60% van de inzet weer uitgekeerd moet worden. Die drie seconden is erg belangrijk. Je drukt op de knop de rollen gaan draaien en drie seconden later weet je of je gewonnen of verloren hebt. Die korte spelduur maakt het spelletje heel spannend en daarmee verslavend. Vandaar dat in de loop van 2000 de gemiddelde spelduur verhoogd wordt naar 4 seconden. Dit alles zijn keuzes. In Duitsland bijvoorbeeld heeft men gezegd dat de spelduur 8 seconden moet zijn en het gemiddeld uurverlies niet hoger mag zijn dan 26 Mark. Andere eisen gaan over de leeftijd. In de loop van 2000 zul je 18 jaar moeten zijn om op een gokkast te mogen spelen. In gokhallen zul je je ook moeten identificeren. Tenslotte bepaalt de wet waar gokkasten mogen staan. In de loop van 2000 zullen zij niet meer in laagdrempelige inrichtingen zoals een snackbar maar alleen in een hoogdrempelige inrichtingen zoals een café mogen staan. In een café's zullen dan twee gokkasten mogen staan.

  • Heeft u informatie over gokken?

    Bij gokken zijn met name de spelletjes die heel kort duren riskant. Een korte speeltijd hebben bijvoorbeeld gokkasten en roulette. Bij een gokkast druk je op een knop, de rollen gaan draaien en drie seconden later weet je of gewonnen of verloren hebt en kun je weer spelen. Deze korte speeltijd zorgt ervoor dat het spelletje continu spannend blijft. En juist die spanning is het verslavende aspect. Is de speeltijd langer, dan wordt het speeltje minder interessant. In Duitsland bijvoorbeeld duurt een spelletje op een gokkast 8 seconden. Dat levert veel minder risico op. Roulette in een casino duurt ook langer dan drie seconden, maar daar zorgen de hoge bedragen waarmee gespeeld kan worden weer voor extra spanning. Bij loterijen zit een dermate lange speeltijd tussen inzet en uitkomst dat daaraan nog nooit iemand verslaafd is geraakt. Er zijn een hoop wettelijke bepalingen over het spelen op gokkasten en een aantal gaan in de loop van het jaar 2000 veranderen. Zo moet je voortaan 18 jaar zijn om te gokken en gaan de gokkasten weg uit de snackbars. Ook wordt de speeltijd verlengd van 3 naar 4 seconden. Een aantal zaken blijft hetzelfde; zo moet de gokkast ten minste 60% terug geven van wat je erin stopt en mag het gemiddeld uurverlies niet groter zijn dan 50,- per uur. Voor de gokkasten in de casino\'s gelden overigens andere regels. Bij drugvoorlichting kun je onder gokken lezen hoe je de risico\'s kunt beperken. Er is een boekje (in de bibliotheek te verkrijgen) verschenen over gokken: \'Als de knikkers het spel bepalen\' van uitgeverij De Brink. Via het bestelformulier van deze site kun je het boekje en ook een folder over gokken bestellen. Er is ook een aardige videoband: \'gokken weet wat je doet\'. Bij de lokale verslavingszorginstellingen kun je ook informatie krijgen. Cijfers over het aantal mensen dat in Nederland in de verslavingszorg in behandeling is, kun je vinden bij: www.ivv.nl. Er is een ook een zelfhulporganisatie: www.agog.nl. Ten slotte de telefoonnumers van de gokbrance zelf, stichting Holland Casino, tel 023 - 565 95 65 (zij hebben ook een site: www.hollandcasino.nl) en de Vereniging van Automaten handel Nederland de VAN, tel 073-521 91 56.

  • Wanneer ben je gokverslaafd?

    Je bent verslaafd aan gokken waneer je aan 4 van onderstaande kenmerken voldoet: In gedachten en emotioneel veel met gokken bezig zijn of veel tijd besteden aan het verzamelen van geld om te kunnen gokken; langer spelen en met grotere bedragen spelen dan je van plan bent; veel verliezen en het verlies steeds weer terug willen winnen; geneigd zijn om steeds hoger in te zetten en steeds langer te spelen om de gewenste kick te krijgen; herhaalde pogingen ondernemen om te minderen of te stoppen; in toenemende mate verplichtingen niet nakomen; steeds meer activiteiten (hobby's, vrienden) opgeven om te kunnen spelen; doorgaan met gokken ondanks nadelige gevolgen zoals schulden; rusteloos en prikkelbaar worden wanneer er niet gespeeld kan worden. Op deze site is bij drugvoorlichting een signaleringstest opgenomen over gokken. Deze test kun je doen. Bij drugvoorlichting staat bij gokken ook beschreven hoe je de risico's kunt beperken.

  • Is gokken een mannenprobleem?

    Gokken is typisch een mannenprobleem. In Amsterdam en Noord-Holland is onderzoek gedaan onder spelers. Gokverslaafd zijn dan mensen die aan de volgende kenmerken voldoen: ze voelen zich schuldig over hun gokken; ze gokken vaker dan voorgenomen; ze willen hun verloren geld weer terug winnen; ze willen stoppen maar kunnen dat niet en krijgen opmerkingen van andere mensen over hun gokken. Volgens deze definitie was van de jongens onder de achttien 4,4% en van de meisjes onder achttien 2,4% verslaafd aan gokkasten. Tussen 18 en 35 jaar was 9,3% van de jongens verslaafd aan gokkasten en 2,2% van de meisjes. Bij roulette is tussen de 18 en 35 jaar 6,6% van de jongens en slechts 1% van de meisjes gokverslaafd. Veel minder vrouwen dan mannen dus. Deze cijfers weerspiegelen zich ook in de hulpverlening. In 1998 meldden zich in Nederland 4915 mensen met gokproblemen bij de verslavingszorg. Hiervan waren er 4456 man en 459 vrouw. Bij 90% van de aanmeldingen gaat het dus om mannen en bij 10% om vrouwen. Andere typische kenmerken van mensen die zich aanmelden: 49% is tussen de 20 en de 30 jaar, 49% heeft alleen lager onderwijs, 81% is van Nederlandse afkomst en het merendeel is verslaafd aan gokkasten. Verveling, avontuur, kick en spanning, de kans op winst en het ontvluchten van problemen zijn voor de aangemelde cliënten aanleiding om te gaan gokken. Zie ook www.ivv.nl

  • Heroïne

    • Wat moet je doen als je een heroïnespuit vindt?

      Niet zelf oprapen. De kans dat je je prikt is te groot. Neem direct contact op met de lokale gemeentelijke reinigingsdienst. Als je hun nummer niet kunt vinden, bel dan het gemeentehuis of met de politie en vraag naar het telefoonnummer van de reinigingsdienst. De medewerkers van de reinigingsdienst komen de spuit altijd ophalen. Dat doen ze met een mechanische tweevingerige arm. Daarmee pakken ze de spuit op en gooien die in een speciale bak. Dus: de spuit NOOIT aanraken of oppakken (ook niet met een zakdoekje), maar meteen bellen met de gemeentelijke reinigingsdienst bij jou in de buurt. De kans dat je je aan de spuit prikt als je hem zelf oppakt, is te groot. Bij prikken kun je besmet raken met geelzucht (hepatitis) of HIV. De kans op besmetting met hepatitis B ligt bij een besmette naald op 30 procent. Voor hepatitis C ligt die kans op 3 procent. De kans op besmetting met HIV, het virus dat Aids veroorzaakt, is klein en ligt op 0,3 procent. Als mensen zich aan een spuit prikken, moeten ze de wond zoveel mogelijk laten bloeden en niet uitzuigen. Vervolgens moeten ze de wond wassen met water en zeep en ontsmetten met jodium. In verband met de vroegbehandeling moet zo snel mogelijk contact worden opgenomen met de huisarts of de GGD. Zij zullen bloed afnemen. Als iemand nog niet is gevaccineerd, moet er binnen 24 uur een injectie worden gegeven met anti-hepatitis B immunoglobine en een injectie met het hepatitis B-vaccin. Er is nog geen vaccin tegen hepatitis C. Verder moet worden overwogen of een zogenaamde PEP-medicatie tegen HIV raadzaam is. PEP staat voor Post Expositie Profylaxe. Deze moet dan wel binnen twee uur worden gegeven.

  • Hoe wordt heroïne gemaakt?

    Heroïne wordt gemaakt van morfine en morfine wordt gemaakt van opium. De opium wordt gewonnen door een sneetje te maken in de onrijpe zaadbollen van de papaverplant. Uit het sneetje komt een melkachtige vloeistof te voorschijn die aan de bol blijft kleven, opdroogt en bruin verkleurt. Vervolgens schraapt men met een stomp mesje de stroopachtige opium van de zaadbollen. Van ruwe opium maakt men morfine. Er zijn twee methodes: de kalkmethode en de ammoniamethode. Bij de ammoniamethode blijven meer verontreinigingen in de heroïne achter. Bij de kalkmethode wordt de opium onder voortdurend roeren opgelost in water. Vervolgens voegt men er kalkhoudende stof aan toe. Hierdoor lost de morfine op in het kalkwater. Vervolgens filtert men het geheel door een flanellen doek. Het kalkwater met de opgeloste morfine gaat door de doek heen terwijl de andere bestanddelen achterblijven. De oplossing wordt opnieuw verhit, waarna geconcentreerde ammonia wordt toegevoegd. De morfine slaat hierdoor neer op de bodem van de pan of het vat. Men filtert het geheel nog een keer door een flanellen doek. De witte morfinedeeltjes blijven dan op de doek achter. Deze worden gedroogd. Bij ammoniamethode slaat men de stap met kalk over. Men mengt de morfine met water, wacht tot zoveel mogelijk opgelost is en voegt daarna ammonia toe. Morfine is de grondstof voor heroïne. Men begint met de morfine 6 uur lang met azijnzuuranhydride te verhitten op een temperatuur van 185 graden. Er ontstaat dan al heroïne maar nog in opgeloste vorm Vervolgens voegt men natriumcarbonaat toe. De heroïne slaat dan in vaste vorm neer. Men filtert vervolgens de heroïne uit deze natriumcarbonaatoplosing. Vervolgens gaat men de heroïne zuiveren. Dat doet men o.a. met alcohol. Een tweede zuiveringsprocedure voert men door met ether en zoutzuur. Er ontstaat dan 80 tot 90% zuivere heroïne. Wanneer heroïne op de plaats van bestemming is aangekomen, wordt het weer door handelaren versneden met bijvoorbeeld cafeïne en paracetamol. In Amsterdam had de heroïne eind 1999 een zuiverheidsgraad van rond de 20-30%.

  • Hoe lang blijft heroïne in het lichaam?

    Gebruikers chinezen of spuiten de heroïne. Bij chinezen wordt de heroïne op alluminiumfolie gelegd en verhit. De heroïnedampen worden via een kokertje geïnhaleerd. Het middel komt door chinezen en spuiten snel in het bloed terecht. Een klein gedeelte passeert de bloed-hersenbarriëre waarna het middel in de hersenen zijn werking kan doen. De effecten van heroïne duren zo'n vier tot zes uur. De heroïne wordt afgebroken in diverse stoffen die op zich ook nog effect hebben. De concentratie van de werkzame stoffen in het bloed komt overigens niet geheel overeen met de psychisch ondervonden effecten. Halfwaardetijd is de tijd die het lichaam nodig heeft om de helft van het middel uit het bloed te verwijderen. De halfwaardetijd van heroïne is enkele minuten. Een van de afbraakproducten van heroïne is morfine. De halfwaardetijd van morfine is 2 uur. Bij een eventuele test op heroïne onderzoekt men of er afbraakstoffen in de urine zitten. Deze afbraakstoffen zijn afhankelijk van het type test tot vijf dagen aantoonbaar. Bij sollicitaties en bij keuringen wordt bij hoge uitzondering op drugs getest en alleen na jouw uitdrukkelijke toestemming.

  • Hoe ga je om met iemand die heroïne gebruikt?

    In de omgang met heroïnegebruikers zul je aan de ene kant duidelijk moeten maken dat je altijd wil helpen, aan de andere kant zul je grenzen moeten trekken. Je moet oog en oor hebben voor hun problemen, hierover praten en helpen bij het zoeken naar hulpverlening. Je grenzen trekken is echter van het grootste belang: ga niet verder dan jezelf wil. Verder moet je niet alle problemen voor een druggebruiker gaan oplossen. Laat hem zoveel mogelijk zelf doen. Zeker bij gebruikers die nog kunnen afkicken is het heel belangrijk dat zij de problemen die door het gebruik ontstaan ervaren en voelen. Alleen dan kan er een motivatie voor afkicken ontstaan. Als iedereen alle problemen oplost, kan hij al vlug denken: er is niks aan de hand; ik kan rustig doorgaan. In gesprekken met druggebruikers die nog kunnen afkicken kan geprobeerd worden ze te motiveren voor hulpverlening. Over het algemeen helpt het niet het druggebruik voortdurend aan de orde te stellen. Belangrijk is dat druggebruikers wat positiever over zichzelf gaan denken en dat ze een toekomst voor zich zien die aantrekkelijk is. Dit motiveert. Wat ook helpt is om te praten over de voor- en nadelen van gebruik, in de hoop dat ze vooral door de nadelen te noemen aan het denken gezet worden. Er zijn twee folders verschenen over de omgang met problematische drinkers. Deze folders bevatten tips die ook wel toepasbaar zijn op heroïnegebruikers. De folder, De laatste Ronde, is te bestellen via het bestelformulier op deze site. De tweede folder, Een Drinker in Huis, is te bestellen via de alcoholinfolijn, tel 0900 - 5002021. U kunt ook nog terecht bij de Stichting Ouders van Drugverslaafden, www.lsovd.non-profit.nl, tel 0900 - 515 22 44

  • Wat is het verschil in verslavende werking tussen heroïne en methadon?

    Methadon is een kustmatig opiaat. Het wordt in een laboratorium gemaakt, valt onder de opiumwet en mag alleen voor medische doeleinden worden voorgeschreven. Dat gebeurt voor heroïneverslaafden met name om de onthoudingsverschijnselenop te vangen die optreden na stoppen met gebruik. Wil een verlaafde ontwennen dan wordt methadon in een afnemende dosis voorgeschreven. Is een verslaving chronisch, dan krijgt hij methadon in een constante dosis voorgeschreven. Methadon heeft dezelfde effecten en risico's als heroïne. De verslavende werking is hetzelfde. Na een aantal weken methadongebruik krijg je ook verslavingsverschijnselen van methadon. Maar er zijn een aantal belangrijke verschillen tussen methadon en heroïne. Bij heroïnegebruik treden de effecten na enkele seconden in zeer hevige mate op. Dit wordt door gebruikers de flash genoemd. Methadon kent deze flashwerking niet. Om die reden gebruiken chronische verslaafden naast methadon soms toch nog heroïne, wat overigens het risico op een overdosis vergroot. Methadon werkt ook langer dan heroïne. Heroïne werkt 4 tot 6 uur en methadon 24 tot 36 uur. Door deze lange werking kan de verslaafde volgens een normaal dag- en nachtritme leven. Een ander verschil is nog dat methadon zuiver is en niet versneden is met andere stoffen.

  • Opvoeding

    • Hoe kan ik zien of mijn kind drugs heeft gebruikt?

      Kort antwoord Druggebruik is te zien aan algemene veranderingen zoals: stemmingwisselingen of veranderingen in levensstijl; ineens andere vrienden krijgen, zijn geld anders besteden etc. Als het druggebruik echt problematisch wordt zie je ook verandering in prestaties; bijvoorbeeld op school of bij sport. Per drug zijn er ook specifieke kenmerken zoals; pupillen die groter worden, kleur van het gezicht, dat verandert, actief of juist passief worden etc. In het algemeen kunt u het beste via een gesprek het druggebruik bespreekbaar te maken. Probeer geen verwijtende toon aan te slaan en dreig niet met een verbod. Dan houdt het gesprek snel op. Het is belangrijk om eerst te horen waarom uw kind ermee bezig is en wat er zo leuk aan is.

      Lang antwoord
      Hieronder worden een aantal algemene en een aantal kenmerken per drug genoemd. Eerst een opmerking vooraf. Om er achter te komen of uw kind drugs gebruikt is het altijd het beste om met hem in gesprek te gaan. Dat is beter dan nauwkeurig te gaan letten op allerlei lichamelijke kenmerken. Voordat u aan zo'n gesprek begint is het belangrijk om na te gaan waarom uw kind het druggebruik zou willen verzwijgen. Verzwijgen ontstaat meestal omdat uw kind een zeer negatieve reactie van u verwacht. Wanneer u een niet beschuldigende en een niet al te angstige houding hebt tegenover het druggebruik zal uw kind eerder bereid zijn er over te praten. Ook is het belangrijk dat u goed weet wat u gaat doen als eenmaal duidelijk dat uw kind wel eens gebruikt. Veel mensen zijn alleen bezig met 'opsporen' en weten niet wat ze moeten doen als het gebruik ontdekt is. Want wat gaat u dan doen? Gaat u het druggebruik verbieden, gaat u proberen om uw kind op andere gedachten brengen, gaat u het hebben over het verschil tussen gebruik- of misbruik of gaat u proberen het gebruik aan afspraken te binden. Denk hier van tevoren over na. Algemene kenmerken Druggebruik staat niet op zichzelf, het heeft vooral te maken met de omgeving waar jongeren in zitten en de vrienden die ze daar hebben. Daarop letten kan een aantal signalen opleveren: waar besteed uw kind zijn vrije tijd aan, wie zijn vrienden, waar gaat hij uit, hoe besteedt hij zijn geld enzovoort. Druggebruik kan, zeker wanneer het al langer gebruikt is, van invloed zijn op schoolprestaties, hobby's en sportactiviteiten. Ziet u hier een verandering in optreden? Worden sport en hobby's steeds onbelangrijker? Gaat het op school geleidelijk aan slechter? Een algemeen kenmerk van druggebruik zijn ook de opvallende stemmingswisselingen. Dan weer is iemand vrolijk, dan weer down. Op het ene moment is hij opvliegend, het volgende moment is hij sloom, hangerig of afwezig. Ziet u dat gebeuren, dan kan er sprake zijn van druggebruik. Kenmerken per middel Alcohol: adem ruikt naar alcohol, wijde pupillen, vrolijke stemming, luidruchtig, meer durf, verlegenheid verdwijnt. Hasj/wiet: rode ogen, verwijde pupillen, opgewekt, hangerig, suffig, sloom, vergeten wat er net gezegd is, giechelig, honger, zware armen en benen. Hasj heeft een sterke herkenbare speciale geur. XTC: wijde pupillen, opgewekt, energiek, praterig. De dagen erna: oververmoeid, soms een down en leeg gevoel. Amfetamine: wijde pupillen, energiek, praterig, bleek, rusteloos. De dagen erna: down, leeg oververmoeid en geïrriteerd. Cocaïne: wijde pupillen (niet altijd), vaak naar het toilet gaan, opgewekt, energiek, praterig, overmoedig, bleek, rusteloos, geïrriteerd, opvliegend. De dagen erna: down, leeg, oververmoeid. LSD: wijde pupillen, vreemde ideeën, hallucinaties. Heroïne: vernauwde pupillen, bijna gesloten oogleden, dromerig, sloom, passief, stil, langzame ademhaling. Gokken: afwezig zijn, vaak geld willen lenen, slecht slapen, verminderde concentratie. Een probleem van veel van de hier genoemde kenmerken per middel is, dat het ook symptomen van heel iets anders kunnen zijn, bijvoorbeeld hevig verliefd zijn of gepest worden op school. Als u te veel alleen maar op deze kenmerken let, loopt u het risico een onschuldige verliefdheid te benoemen als druggebruik. U kunt zich misschien wel voorstellen dat uw kind dat niet prettig zal vinden als het onterechte beschuldigd wordt.

  • Moet ik mijn kind verbieden genotmiddelen te gebruiken?

    Kort antwoord Verbieden kan tot een bepaalde leeftijd of in bepaalde omstandigheden best effect hebben, maar heeft wel het risico dat kinderen dingen stiekem gaan doen, zeker naarmate ze ouder worden. Beter is het om het onderwerp bespreekbaar te maken aan de hand van de 12 tips die op deze opvoedingssite besproken worden.

    Lang antwoord
    Verbieden kan in bepaalde omstandigheden of tot een bepaalde leeftijd best goed zijn en ook het gewenste effect hebben. In het geval van het verbieden van drugs hangt het effect van het verbod af van hoe belangrijk het voor uw kind is. De kans dat uw kind het stiekem gaat gebruiken is groot, zeker naar mate het ouder wordt. U kunt uw kind onmogelijk opsluiten in een glazen kooitje om het zo af te schermen van seks, drugs en Rock&Roll. U kunt het wel proberen maar of uw kind gelukkig wordt van zo'n beschermd leven is de vraag. Een kind wil ontdekken. Het kijkt om zich heen en hoort en ziet van alles dat nieuw en spannend is. U bent daar niet altijd bij en kunt uw kind niet behoeden voor vriendjes die vertellen hoe 'gaaf' het is om te blowen en hoe 'relaxt' je ervan wordt. Uw kind denkt: er zullen wel leuke kanten zitten aan blowen. En dat maakt nieuwsgierig, ondanks dat u herhaaldelijk hebt gezegd dat drugs slecht zijn en hij absoluut geen drugs mag gebruiken. De kans dat uw kind het op een gegeven moment toch een keer wil proberen is groot, evenals de kans dat hij dit voor u verzwijgt. U begrijpt immers toch niet dat drugs gebruiken ook leuk kan zijn. Beter is het om het onderwerp bespreekbaar te maken en het ook eens te hebben over de redenen waarom mensen drugs gebruiken. U kunt daarbij gebruik maken van de 12 tips op deze opvoedingssite. Daar wordt uitgelegd hoe u met uw kind kunt praten over alcohol en drugs. Naar aanleiding van zo'n gesprek kunt u afspraken maken met uw kind en het begeleiden in het maken van keuzes. Want uiteindelijk moet uw kind zelf beslissen of hij al dan niet drugs gaat gebruiken. Seks, drugs en Rock&Roll loeren altijd en overal. U bent er niet altijd bij om uw kind daartegen te beschermen. Dat moet het zelf doen, door te leren zelf verantwoordelijkheid te dragen. Op school wordt het onderwerp ook bespreekbaar gemaakt. In de basisscholen wordt al vaak over alcohol en tabak gesproken. Dat gebeurt ook in de eerste klassen van het voorgezet onderwijs. In de tweede klas gaat het vaak over hasj & wiet en in de derde klas over XTC.

  • Op school gaan ze het hebben over drugs, is mijn kind daar niet veel te jong voor?

    Kort antwoord Het is over algemeen beter om al over alcohol en drugs te praten voordat uw kind er via vrienden of via allerlei stoere verhalen van hoort. Voorlichting over drugs op school gaat overigens niet alleen over drugs maar ook over vaardigheden zoals: het tegen elkaar kunnen afwegen van de voor- en nadelen, een goede beslissing kunnen nemen, nee durven zeggen tegen vrienden, omgaan met problemen etc.

    Lang antwoord
    Als uw kind opgroeit, meer televisie kijkt, verhalen hoort van vriendjes, uitgaat, komen alcohol en drugs hoe dan ook ter sprake. Voordat uw kind allerlei sterke verhalen gaat geloven, is het beter dat ze dat onderwerp voor die tijd op een verantwoorde manier in de klas bespreken. U bent misschien wel bang dat, als ze er in klas over horen, uw kind juist daardoor nieuwsgierig wordt en het wil uitproberen. Dat nu is niet waar. Er is veel onderzoek gedaan naar hoe je het beste alcohol- en drugvoorlichting kunt geven. Vroeger dacht men, maak kinderen maar goed bang, dan blijven ze er wel van af. Deze methode bleek averechts te werken. Sommigen vonden het daardoor juist spannend worden, anderen vonden de voorlichting ongeloofwaardig en onbetrouwbaar. Dat was ernstig, omdat de gegeven informatie die wel juist was ook niet geloofd werd. Vervolgens besloot men de voorlichting vooral te baseren op feiten; wat zijn drugs, welke effecten hebben ze en welke risico's etc. Deze methode had meer effect, maar gaf ook niet het gewenste resultaat. De derde methode, die ook in Nederland toegepast wordt, gaat niet alleen in op feiten, maar besteed ook aandacht aan het ontwikkelen van bepaalde vaardigheden. Vaardigheden zoals: een beslissing kunnen nemen, nee kunnen zeggen, informatie kunnen zoeken, om kunnen gaan met problemen. Deze methode blijkt het meest effect te hebben. In Nederland wordt alcohol- en drugvoorlichting gegeven in het kader van het vak Verzorging. Dit vak gaat over alle aspecten die met gezondheid te maken hebben. In het vak Verzorging wordt alcohol- en drugsvoorlichting vaak met behulp van de lesboekjes van het project: de Gezonde School en Genotmiddelen. In de eerste klas van het voortgezet onderwijs wordt aandacht besteed aan tabak en alcohol, in de tweede klas aan hasj & wiet en in de derde klas aan XTC en eventueel gokken. In de lesboekjes wordt informatie over drugs gegeven maar het gaat, met behulp van oefeningen, ook in op allerlei vaardigheden zoals: hoe neem je een beslissing, hoe weeg je voor- en nadelen tegen elkaar af en hoe zeg je nee. Uit onderzoek is gebleken dat het project de Gezonde school en Genotmiddelen effectief is. Misschien kunt u eens aan uw kind vragen, wat zij op school gehad hebben over alcohol en drugs. Dat kan een leuke aanleiding zijn voor een gesprek.

  • Hoe komt het dat de een die met drugs gaat experimenteren in de problemen raakt en de ander niet?

    Kort antwoord Of je matig blijft gebruiken of dat gebruik problematisch wordt, heeft met drie zaken te maken: met de drug zelf, met de manier waarop iemand gebruikt en met de omgeving. We noemen dat ook wel eens de drie M's: Middel, Mens en Maatschappij. De wisselwerking tussen deze drie bepaalt of iets problematisch wordt.

    Lang antwoord
    Of iemand matig blijft gebruiken of dat gebruik problematisch wordt, heeft met drie zaken te maken: met de drug zelf, met de manier waarop iemand gebruikt en met de omgeving. We noemen dat ook wel eens de drie M's: Middel, Mens en Maatschappij. We gaan op alle drie wat uitgebreider in. Middel De ene drug is verslavender dan de andere. De ene drug veroorzaakt vooral geestelijke afhankelijkheid, de andere zowel geestelijke als lichamelijke afhankelijkheid. De ene drug brengt allerlei lichamelijke schade mee, de andere weer veel minder. Het type drug dat je gebruikt bepaalt mede of je in de problemen komt. Met heroïne kom je vrijwel altijd in de problemen, ook tabak leidt vrijwel altijd tot verslaving. Onder de knop staat voor elke drug uitgelegd wat de verslavingskans is en wat de lichamelijke risico's zijn. Mens Iedere mens is anders en ieder mens heeft weer andere redenen om te gaan gebruiken. Je kunt om positieve redenen gebruiken of om negatieve. Als de redenen positief zijn zal er over het algemeen niet zoveel aan de hand zijn. Heb je negatieve redenen om drugs te gebruiken, dan zul je veel sneller in de problemen raken. Gebruik je om positieve redenen dan zie je drugs 'als extraatje' en gebruik je omdat je het lekker vindt of omdat je een gezellige tijd met vrienden wilt hebben. Gebruik je om negatieve redenen dan zie je drugs niet zozeer als een extraatje maar gebruik je het als een middel ter verlichting van de problemen die je hebt. Je baalt, bent angstig of ziet het niet meer zitten en gaat drugs gebruiken om even van deze gevoelens af te komen. Je gebruik wordt een vlucht. Je gebruikt het niet om het leven te 'verrijken' maar om er juist zo hard mogelijk van weg te rennen. Een negatieve reden voor gebruik is ook als je gebruikt om de nadelige gevolgen van vorig gebruik op te vangen. Bijvoorbeeld als je je na gebruik slecht of moe voelt en weer gaat gebruiken om van dat slechte gevoel af te komen. De hoeveelheid die iemand gebruikt en of je al of niet rekening houdt met de risico's is ook van invloed op het in de problemen raken. Bij de groep die matig gebruikt zal dat niet zo snel gebeuren. Matige of recreatieve gebruikers zijn meestal goed op de hoogte van de risico's en zorgen ervoor dat ze die risico's zoveel mogelijk beperken. Ze gebruiken af en toe. Mensen die met drugs in de problemen raken, gaan op een andere manier met drugs om. Zij houden weinig rekening met de risico's en doen geen moeite om die risico's te beperken. Ze gebruiken niet af en toe maar vaak tot soms dagelijks toe. Maatschappij De maatschappij of omgeving tenslotte speelt ook nog een belangrijke rol. Een positieve omgeving; prettig wonen, het hebben van vrienden die niet of weinig gebruiken, het hebben van goed contact met ouders, helpt voorkomen dat druggebruik problematisch wordt. Een negatieve omgeving; vervelende woonomgeving, een vriendenkring die veel drugs gebruikt, een slecht contact met ouders, kunnen ertoe bijdragen dat druggebruik problematisch wordt. Ook de overheid maakt deel uit van de omgeving. Maakt de overheid al of niet regels die de risico's van druggebruik helpen beperken. Zo zijn er in Nederland weliswaar coffeeshops waar hasj en wiet verkocht mag worden maar de coffeeshops moeten zich wel aan een aantal regels houden. Zoals: geen verkoop aan mensen jonger dan 18 jaar, geen harddrugs, geen reclame en geen verkoop van meer dan 5 gram per persoon per dag. Voor mensen die XTC gebruiken bestaat de mogelijkheid om pillen te testen. Ook mag het op houseparties niet te heet zijn, moet er drinkwater aanwezig zijn en wordt er voorlichting gegeven. Allemaal maatregelen die de risico's helpen beperken. Als alle drie M 's van toepassing zijn, is de kans groot dat je in de problemen raakt. Gebruik je een drug die zowel geestelijk als lichamelijk afhankelijk maakt, gebruik je om negatieve redenen en heb je weinig steun van je ouders, dan neemt de kans dat het fout gaat snel toe. Als uw kind drugs wil gebruiken let dan op te motieven en bespreek waarom hij wil gebruiken. Is hij nieuwsgierig of hoopt hij dat drugs je bijvoorbeeld minder onzeker zullen maken? Is hij op de hoogte van de risico's en weet hij hoe hij die risico's kan beperken. Is het zijn eigen keuze of doen al zijn vrienden het en wil hij er graag bijhoren? Het niet goed nadenken over deze punten zijn voorbodes voor risicovol gebruik in de toekomst. Stimuleer uw kind om kritisch te zijn naar zichzelf. Wil uw kind er niet met u over praten, probeer hem te bewegen om erover te praten met mensen die hij vertrouwt en maak duidelijk dat hij zich vooral niet moet laten overhalen om iets te doen tegen zijn zin. Met experimenteren is op zich niet zo veel mis. Het hoort bij opgroeien en bij het ontdekken van de wereld. Heel veel mensen die geëxperimenteerd hebben met drugs, houden het ook bij dat experiment. Ze doen het een aantal keer maar houden er uiteindelijk uit zichzelf weer mee op. Zo weten we dan 40% van de scholieren wel eens heeft geblowd, maar uiteindelijk gaat 20% er mee door.

  • Maakt het iets uit of ik zelf rook en drink?

    Kort antwoord Het gedrag van u als ouder heeft altijd invloed op het gedrag van uw kind. Ze zeggen wel eens: 'een goed voorbeeld doet goed volgen'. U kunt ook een slecht voorbeeld geven. Gelukkig betekent dat niet dat dat altijd overgenomen wordt. Belangrijk is dan, dat je er als ouder eerlijk over bent. Dat u eerlijk bent over de verkeerde manier waarop u met alcohol of tabak omgaat. Je kind leert dan ook waar de valkuilen kunnen liggen.

    Lang antwoord
    Uw eigen gedrag heeft wel degelijk invloed op uw kinderen. De kans is groot dat uw drinkgewoonten als vanzelfsprekend door uw kinderen worden overgenomen. Dus als u verstandig met drank omgaat, kan dat positief uitpakken. Als u een slecht voorbeeld geeft, kan dat ook verkeerd uitpakken. Als u bijvoorbeeld drinkt om spanningen kwijt te raken, dan kan uw kind al snel denken dat je drank daarvoor kunt gebruiken. Toch hoeft zich niet meteen schuldig te voelen. U moet zich wel bewust zijn van hoe u met alcohol en drugs omgaat. U moet het gesprek over uw eigen gebruik niet uit de weg gaan maar het juist als een voorbeeld gebruiken hoe het wel of niet moet. Laat zien wat uw sterke en zwakke punten zijn in de omgang met alcohol of tabak. Als u verstandig met alcohol omgaat kunt u vertellen, hoe u met de risico's omgaat. Dat u bepaalde afspraken met uzelf heeft gemaakt zoals niet drinken als u nog moet werken, sporten, autorijden of andere belangrijke dingen moet doen. Als u op een onverstandige manier middelen gebruikt bijvoorbeeld bij tabak kunt als geen ander duidelijk maken wat verslaving is. Dat u er eigenlijk vanaf wilt maar dat het u niet lukt. Dat de verslaving zo snel gegaan is. Dat het gebeurd was voordat u erg in had etc. Belangrijk is dus om bij het praten over alcohol en drugs dat op een zo'n open mogelijke manier te doen. U kind ziet dan uw sterke punten maar ook de valkuilen waarin u eventueel gelopen bent.

  • Waarom raakt de een verslaafd en de ander niet?

    Omgeving en opvoeding spelen ook zeker een rol. Het maakt nogal wat uit of je uit een gezin komt waar alcohol en roken de normaalste zaak van de wereld is of dat je ouders niets moeten hebben van middelen. De voorbeelden die je als kind krijgt, zijn sterk bepalend voor je gedrag.

    Verslaving is dus een chronische ziekte met biologische, persoonlijke en sociale oorzaken én gevolgen. De een raakt dan ook sneller verslaafd dan de ander. Door veel en langdurig gebruik van verslavende stoffen kunnen onherstelbare veranderingen in de hersenen optreden. Hierdoor kan een blijvende hunkering naar drugs of alcohol blijven bestaan. Terugval is kenmerkend bij verslavingsproblemen. Behandeling richt zich dan ook grotendeels op het onder controle krijgen van het gebruik en het leren voorkomen en omgaan met een terugval. Daarnaast wordt gewerkt aan herstel op persoonlijk en sociaal-maatschappelijk niveau.

     

  • Overige drugs

    • Wat is doping?

      Doping zijn stoffen of methoden die door sporters gebruikt worden om beter te kunnen presteren. Doping is strijdig met de ethiek van de sport. Het Internationaal Olympisch Comité hanteert (IOC) een lijst waarop de verboden stoffen staan. De meeste sportorganisaties hanteren deze lijst als uitgangspunt. In de wet wordt over doping niet gesproken. Wel valt een deel van de stoffen onder de opiumwet of onder de wet op de geneesmiddelenvoorziening.

      Op de doping lijst van het IOC staan o.a. de volgende stoffen:

      1. Anabole steroïden.
      Anabole steroïden zorgen voor spiergroei. Het zijn chemische varianten van het mannelijke geslachtshormoon testosteron, een hormoon dat het lichaam zelf aanmaakt. Anabolen bootsen die werking van testosteron na. Testosteron zorgt voor een mannelijk uiterlijk en meer spieren. Dit zie je het duidelijkst bij jongens in de puberteit, als hun natuurlijke testosteronproduktie stijgt. Ze krijgen een zware stem, schaamhaar, borsthaar en ook meer spiermassa.
      Spieren bestaan voor een groot gedeelte uit eiwitten. Anabolen zorgen ervoor dat de spieren meer eiwitten aanmaken. Waardoor ze groeien, dikker en sterker worden. Spieren kunnen maar een beperkt aantal anabolen verwerken. Een teveel aan anabolen heeft dus geen effect en verergert de hieronder genoemde bijwerkingen.
      Anabolen hebben veel bijwerkingen, algemene en specifieke voor mannen en vrouwen.
      - Algemene bijwerkingen: onder andere vette huid, acne, pafferig gezicht, verhoogde kans op hart- en vaatziekten, leverfunctiestoornissen, verhoogde kans op leverkanker, kans op onvruchtbaarheid, depressies en achterdochtig gedrag.
      - Specifieke bijwerkingen bij mannen: kaalheid, aanhoudende pijnlijke erectie, prostaatvergroting, pijn bij het plassen, vrouwelijke borstvorming.
      - Specifieke bijwerkingen bij vrouwen: menstruatiestoornissen, borstverkleining, blijvende stemverlaging, clitorisvergroting, mannelijke lichaamsbeharing.

      2.  Amfetaminen.
      Amfetaminen vergroten het prestatievermogen. Amfetaminen stimuleren het zenuwstelsel. Je voelt je energiek en actief. De hartslag en bloeddruk nemen toe. De bronchiën in de longen gaan meer open staan en de bloedvaten naar de skeletspieren verwijden zich. Hierdoor krijgen de spieren meer zuurstof en is het lichaam in staat tot een grotere fysieke prestatie. Zware stimulerende middelen zijn onder andere cocaïne en amfetamine Lichtere stimulerende middelen zijn bijvoorbeeld efedrine (zit in ephedra) en cafeïne. Cafeïne is niet geheel verboden. De verschillende soorten stimulerende middelen worden ook gebruikt door mensen die willen afvallen. Ze versnellen namelijk de stofwisseling en remmen de eetlust. Dit werkt niet omdat je aan deze middelen went. Het eetlustremmende effect treedt al na korte tijd niet meer op. Stop je dan krijg je enorme honger en komt het gewicht er gewoon weer bij.
      De bijwerkingen van stimulerende middelen in het algemeen zijn: zelfoverschatting/ overmoed, rusteloosheid, duizeligheid, verwardheid, hoofdpijn, beverigheid, slaapstoornissen, nervositeit, hartritmestoornissen, agressief gedrag, hallucinaties.

      3.  Pijnstillers.
      Pijnstillers kunnen ervoor zorgen dat eventuele pijn, die een optimale prestatie verhinderen, onderdrukt wordt. Voorbeelden zijn onder andere: morfine, methadon en buprenorfine. Bijwerkingen: versuffing, misselijkheid, verstopping, vertraagde ademhaling, lage hartslag, lichamelijke en geestelijke verslaving.

      4. EPO.
      Epo vergroot het uithoudingsvermogen. EPO is een hormoon dat door de nieren geproduceerd wordt. Het stimuleert de aanmaak van extra rode bloedlichaampjes. Extra rode bloedlichaampjes betekent meer zuurstof in het bloed en dus meer uithoudingsvermogen. EPO is tegenwoordig met behulp van micro-organismen te produceren.
      Bijwerkingen: het bloed kan door een teveel aan rode bloedcellen stroperig worden met mogelijk fatale gevolgen (trombose). Overige bijwerkingen zijn: hoge bloeddruk, griepverschijnselen..

      5. Diuretica.
      Diuretica zijn middelen die gebruikt worden om vocht uit het lichaam te drijven, zoals plaspillen. Diuretica worden in de sport vaak gebruikt om het gewicht te verminderen en daardoor in een bepaalde gewichtsklasse te komen (zoals bij vechtsporten). Omdat de urineafscheiding toeneemt worden ze ook gebruikt om dopinggebruik te verdoezelen. Bodybuilders gebruiken diuretica als middel om hun spieren extra zichtbaar te maken.
      Bijwerkingen: uitdroging, warmtestuwing, spierkrampen, verzuring, hartritmestoornissen, overgevoeligheidsreacties.

      6. Groeihormoon.
      Groeihormoon stimuleert de spieren, de botgroei en de stofwsseling. Ieder mens maakt van nature groeihormoon aan in de hypofyse. Deze hormonen kunnen tegenwoordig met behulp van micro-organismen nagemaakt worden.
      In werkelijkheid zijn de grote spieren een farce. De door groeihormoon opgepompte spieren zijn namelijk als lucht: niet sterk, niet krachtig maar zwak en van zeer slechte kwaliteit. Groeihormoon beïnvloedt ook de botgroei. Mensen die van nature veel groeihormoon produceren zijn vaak langer dan twee meter, mensen die hier weinig van produceren zijn extreem klein. Dus: als je groeihormoon gebruikt, groeien niet alleen je spieren maar ook je botten. Het gevolg: abnormale skeletgroei en misvorming.
      Overige bijwerkingen: vochtophoping, oedeem, spierpijn, hoge bloeddruk, verminderde schildklierwerking.

      De lijst van het IOC bevat behalve verboden stoffen ook nog een serie stoffen waarvoor beperkingen gelden (de restrictiemiddelen), bijvoorbeeld alcohol en cannabis. Daarnaast bestaat de lijst ook nog uit een aantal verboden methoden (bijvoorbeeld methoden om dopingcontrole te manipuleren. Voor meer informatie over doping, bel met de Doping Informatielijn van het Nederlands Centrum voor dopingvraagstukken (NeCeDo): Telefoon: 010 - 413 02 86 (iedere werkdag tussen 13.00 uur en 16.00 uur)

      www.necedo.nl www.olypic.org

  • Wat is de geschiedenis van speed?

    Speed of amfetamine werd in 1887 voor het eerst gemaakt, maar pas in 1927 voor het eerst gebruikt. Het werd toen voorgeschreven als bloeddrukverhogend middel.

    De doorbraak kwam pas in de dertiger jaren. Men was toen op zoek naar een middel tegen astma. Bekend was dat het hormoon adrenaline een astma-aanval kon tegengaan. Adrenaline wordt in acute stress situaties door de bijnier afgescheiden en zorgt voor extra energie. Het verhoogt de hartslag, vergroot de spierkracht en doet de bronchiën uitzetten waardoor de ademhaling sneller en makkelijker verloopt. Met name de laatste eigenschap maakte adrenaline zo aantrekkelijk voor het bestrijden van astma, waarbij de luchtwegen vernauwd zijn en de ademhaling zwaar en piepend verloopt.

    Het probleem was echter dat adrenaline niet oraal ingenomen kon worden, maar alleen gespoten kon worden. Spuiten had weer ernstige effecten op hart- en bloedvaten. Men moest dus op zoek naar een alternatief voor adrenaline.

    Omstreeks 1920 ontdekte een Amerikaanse farmacoloog dat een Chinese plant, Ma Huang ofwel ephedra veelvuldig voorgeschreven werd tegen astmatische aanvallen. Het lukte de farmacoloog om het werkzame bestanddeel, efedrine uit deze plant te halen. De verbinding vertoonde grote overeenkomst met adrenaline. Omdat efedrine wel oraal gegeven kon worden en niet gespoten hoefde te worden werd efedrine het middel voor de behandeling van astma. Probleem was echter dat de plant Ma Huang schaars was zodat men weer op zoek moest naar een alternatief. En zo kwam men uiteindelijk terecht bij de in 1887 geïsoleerde chemische stof amfetamine dat wat betreft structuur op efedrine lijkt.

    Ook amfetamine bleek verlichting te geven bij astma en bronchitis. Voordeel boven efedrine was nog dat het in vluchtige vorm geleverd kon worden. Amfetamine kwam dan ook onder de merknaam Benzedrine, in de vorm van inhaleerapparaatjes legaal op de markt. Men besefte toen nog niet dat amfetamine tot misbruik en verslaving kon leiden.

    In 1937 werd er op een Amerikaanse Universiteit studie verricht naar de effecten van amfetamine. De uitkomst was dat amfetamine vermoeidheid en slaap tegenging. Dat nieuws ging als een vuurtje rond en vele studenten die moesten blokken voor een examen en wakker moesten blijven kochten het middel bij de drogist.

    Vanwege de oppeppende werking werd amfetamine niet alleen de drug van de jaren dertig, maar ook van de Tweede Wereldoorlog. Het werd gebruikt door Engelse en Duitse soldaten en ook Hitler zelf liet zich vijf keer per dag injecteren met een speedinjectie. In Japan kregen zowel militairen als fabrieksarbeiders amfetamine om de vechtlust en productie op te voeren. Later, in de zestiger jaren, zou ook de Amerikaanse president John F. Kennedy speed gebruiken, met name in tijden van uitputting en vermoeidheid.

    In de loop van de veertiger jaren werden de negatieve gevolgen van amfetaminegebruik langzamerhand zichtbaar. Japan bleef na de oorlog met enorme voorraden zitten en probeerden deze aan de man te brengen. Op een gegeven moment was 5 % van de Japanse bevolking tussen 16 en 25 jaar afhankelijk geworden. In Zweden zag men de nadelige gevolgen snel in en werd amfetamine in het begin van de vijftiger jaren verboden.

    Fervente amfetaminegebruikers in San Francisco ontdekten eind jaren 60 dat je amfetamine naast slikken ook kon spuiten, hetgeen niet alleen de roes toestand versnelde maar ook gewenning veroorzaakte. Het gevolg was dat gebruikers naar steeds hogere dosissen grepen.

    Ondanks dat de verwoestende werking van amfetamine begin jaren vijftig al lang bekend was, duurde het nog ruim twintig jaar voordat amfetamine en verwante stoffen in Nederland verboden werden. In 1969 mocht amfetamine alleen nog maar op recept voorgeschreven worden. In 1976 werd het opgenomen in de opiumwet. Amfetamine wordt op dit moment voorgeschreven voor narcolepsie (aanvallen van slaapzucht) Voor de behandeling van ADHD schrijft men tegenwoordig Ritalin voor. Deze stof heeft hetzelfde effect als amfetamine. Als drug wordt het vooral in het partycircuit gebruikt. In een onderzoek onder uitgaanders in het club- en party circuit in 1998 bleek dat 7% van de bezoekers de afgelopen nacht amfetamine had gebruikt.

    (Bronnen: 1. De farmacologie van Verslaving, Handboek verslaving, maart 2000. 2. Psychofarmaca, Hersenen onder invloed, wetenschappelijke bibliotheek, 1989. 3. Antenne 98, Jellinek preventie en Universiteit van Amsterdam, 1999.)

  • Ik ben erachter gekomen dat je van nootmuskaat eten/roken ook stoned kunt worden. Klopt dat?

    Nootmuskaat kan inderdaad als drug worden gebruikt. Het bevat onder meer safrol-olie. Deze olie kan worden gebruikt als een van de grondstoffen voor de productie van XTC.

    Nootmuskaat komt oorspronkelijk van de Molukken. Toen de Europeanen met deze specerij in aanraking kwamen, geloofde men aanvankelijk dat de noot ook kon dienen voor het opwekken van een abortus. Er gaat een verhaal dat een vrouw daarvoor een aantal nootmuskaat-noten kreeg te slikken en toen heftig begon te hallucineren. Ze overleefde de behandeling ternauwernood.
    In India wordt het middel bij gebrek aan beter wel eens in gevangenissen gebruikt. Meestal wordt dan een eetlepel fijngeraspte nootmuskaat ingenomen, bijvoorbeeld in glas water of cola.

    Fijngemalen kun je het ook snuiven. Het begint pas na lange tijd te werken. Je moet 2 tot 5 uur wachten voordat er effecten optreden. Je voelt je high en sommige gebruikers krijgen het idee te zweven. Een enkele keer lijkt alsof je geen ledematen meer hebt. Tijd en ruimte worden anders ervaren. De high neemt langzaam af, maar kan wel 1 tot 2 dagen aanhouden. Al tijdens het gebruik kun je misselijk en duizelig worden en ook kun je hartkloppingen krijgen. De volgende dag heb je een kater. Gebruikers klagen over een gevoel van algehele malaise, hoofdpijn, duizeligheid, een droge mond en hartkloppingen. Bij overdosering is een psychose mogelijk.

  • Wat is het verschil tussen basecoke, crack en ice?

    Voordat we ingaan op het verschil, kijken we eerst naar de overeenkomst. De overeenkomst is dat alle drie de middelen gerookt worden. Bij roken komt de werkzame stof via de longen in je bloed.

    Basecoke en crack zijn beide afgeleid van cocaïne. Cocaïne kun je eigenlijk niet roken. Bij verhitting valt het voor een groot deel uiteen in afbraakproducten die geen effect opleveren. Slechts een klein gedeelte van de cocaine zorgt voor een kort hevig effect. Om het te kunnen roken, moet je het omzetten in een andere stof. (Het moet van een zout in een base worden omgezet.) Je kan daarvoor bakpoeder, maagzout of ammonia gebruiken. Meestal wordt er een papje gemaakt van cocaïne, maagzout en water, dat vervolgens wordt verhit. Er ontstaat een klont die je in een pijpje kunt roken. Als je weinig water en veel maagzout gebruikt, krijg je crack. De klont bestaat dan uit cocaïnebase, maagzout en de oorspronkelijke versnijdingen. Als je het rookt, maakt het een krakend geluid. Vandaar de naam crack.

    Gebruik je veel water en weinig maagzout, dan ontstaat basecoke of gekookte coke. Basecoke of gekookte coke bevat geen verontreinigingen. De versnijdingen en het maagzout blijven in het water achter. (Je kan basecoke ook met ammonia maken, maar de bereiding daarvan is schadelijk voor je longen.) Basecoke, gekookte coke of borri-borri is dus zuivere cocaïnebase, terwijl crack cocaïnebase is vermengd met maagzout en versnijdingsmiddelen. De werkzame stof van beide producten is echter dezelfde. In Nederland komt vrijwel geen crack voor, maar wel basecoke of gekookte coke.
    De werking van basecoke en crack is veel sneller en heviger dan die van gewone cocaïne. De effecten komen al na 8 seconden en maximaal duurt het effect enkele minuten. De risico\'s die met het gebruik samenhangen, zijn echter nog veel groter dan bij gewone cocaïne.

    Ice is geen cocaïne maar een zuivere rookbare methylamfetamine. Net zoals bij basecoke en crack het geval is, moet je om ice te krijgen de methylamfetamine eerst in een rookbare vorm omzetten. Ice wordt ook wel glass, chrystal of crank genoemd. Andere namen zijn yaba en shaboo. Het middel wordt in Azië en op beperkte schaal in de Verenigde Staten gebruikt Het ziet eruit als een wit kristalachtig poeder. De effecten zijn heviger dan bij gewone amfetamine en kunnen afhankelijk van de dosering tussen de 8 en 24 uur aanhouden. De risico\'s zijn net als bij crack groot. Het jaagt de bloeddruk op en is verslavend. Ook zou het tot blijvende hersenbeschadiging kunnen leiden.

  • Hoelang blijft amfetamine het lichaam?

    Amfetamine wordt meestal geslikt. De effecten duren zo'n 4 tot 8 uur. De stof wordt voor ongeveer de helft onveranderd via de urine uitgescheiden. De rest wordt door de lever afgebroken. De concentratie van amfetaminen in het bloed komt overigens niet geheel overeen met de psychisch ondervonden effecten.

    Halfwaardetijd is de tijd die het lichaam nodig heeft om de helft van het middel uit het bloed te verwijderen. De halfwaardetijd bij amfetamine bedraagt (afhankelijk van de zuurgraad van de urine) 8 tot 20 uur.

    Bij een eventuele test op amfetamine onderzoekt men of er afbraakstoffen in de urine zitten. Deze afbraakstoffen zijn afhankelijk van het type test tot 2 tot 4 dagen aantoonbaar. Bij sollicitaties en bij keuringen wordt bij hoge uitzondering op drugs getest en alleen na jouw uitdrukkelijke toestemming.

  • Waar vind ik betrouwbare cijfers over gebruik van alcohol en drugs in Nederland?
  • Speed

    • Wat is de geschiedenis van speed?

      Speed of amfetamine werd in 1887 voor het eerst gemaakt, maar pas in 1927 voor het eerst gebruikt. Het werd toen voorgeschreven als bloeddrukverhogend middel.

      De doorbraak kwam pas in de dertiger jaren. Men was toen op zoek naar een middel tegen astma. Bekend was dat het hormoon adrenaline een astma-aanval kon tegengaan. Adrenaline wordt in acute stress situaties door de bijnier afgescheiden en zorgt voor extra energie. Het verhoogt de hartslag, vergroot de spierkracht en doet de bronchiën uitzetten waardoor de ademhaling sneller en makkelijker verloopt. Met name de laatste eigenschap maakte adrenaline zo aantrekkelijk voor het bestrijden van astma, waarbij de luchtwegen vernauwd zijn en de ademhaling zwaar en piepend verloopt.

      Het probleem was echter dat adrenaline niet oraal ingenomen kon worden, maar alleen gespoten kon worden. Spuiten had weer ernstige effecten op hart- en bloedvaten. Men moest dus op zoek naar een alternatief voor adrenaline.

      Omstreeks 1920 ontdekte een Amerikaanse farmacoloog dat een Chinese plant, Ma Huang ofwel ephedra veelvuldig voorgeschreven werd tegen astmatische aanvallen. Het lukte de farmacoloog om het werkzame bestanddeel, efedrine uit deze plant te halen. De verbinding vertoonde grote overeenkomst met adrenaline. Omdat efedrine wel oraal gegeven kon worden en niet gespoten hoefde te worden werd efedrine het middel voor de behandeling van astma. Probleem was echter dat de plant Ma Huang schaars was zodat men weer op zoek moest naar een alternatief. En zo kwam men uiteindelijk terecht bij de in 1887 geïsoleerde chemische stof amfetamine dat wat betreft structuur op efedrine lijkt.

      Ook amfetamine bleek verlichting te geven bij astma en bronchitis. Voordeel boven efedrine was nog dat het in vluchtige vorm geleverd kon worden. Amfetamine kwam dan ook onder de merknaam Benzedrine, in de vorm van inhaleerapparaatjes legaal op de markt. Men besefte toen nog niet dat amfetamine tot misbruik en verslaving kon leiden.

      In 1937 werd er op een Amerikaanse Universiteit studie verricht naar de effecten van amfetamine. De uitkomst was dat amfetamine vermoeidheid en slaap tegenging. Dat nieuws ging als een vuurtje rond en vele studenten die moesten blokken voor een examen en wakker moesten blijven kochten het middel bij de drogist.

      Vanwege de oppeppende werking werd amfetamine niet alleen d? drug van de jaren dertig, maar ook van de Tweede Wereldoorlog. Het werd gebruikt door Engelse en Duitse soldaten en ook Hitler zelf liet zich vijf keer per dag injecteren met een speedinjectie. In Japan kregen zowel militairen als fabrieksarbeiders amfetamine om de vechtlust en productie op te voeren. Later, in de zestiger jaren, zou ook de Amerikaanse president John F. Kennedy speed gebruiken, met name in tijden van uitputting en vermoeidheid.

      In de loop van de veertiger jaren werden de negatieve gevolgen van amfetaminegebruik langzamerhand zichtbaar. Japan bleef na de oorlog met enorme voorraden zitten en probeerden deze aan de man te brengen. Op een gegeven moment was 5 % van de Japanse bevolking tussen 16 en 25 jaar afhankelijk geworden. In Zweden zag men de nadelige gevolgen snel in en werd amfetamine in het begin van de vijftiger jaren verboden.

      Fervente amfetaminegebruikers in San Francisco ontdekten eind jaren 60 dat je amfetamine naast slikken ook kon spuiten, hetgeen niet alleen de roes toestand versnelde maar ook gewenning veroorzaakte. Het gevolg was dat gebruikers naar steeds hogere dosissen grepen.

      Ondanks dat de verwoestende werking van amfetamine begin jaren vijftig al lang bekend was, duurde het nog ruim twintig jaar voordat amfetamine en verwante stoffen in Nederland verboden werden. In 1969 mocht amfetamine alleen nog maar op recept voorgeschreven worden. In 1976 werd het opgenomen in de opiumwet. Amfetamine wordt op dit moment voorgeschreven voor narcolepsie (aanvallen van slaapzucht) Voor de behandeling van ADHD schrijft men tegenwoordig Ritalin voor. Deze stof heeft hetzelfde effect als amfetamine. Als drug wordt het vooral in het partycircuit gebruikt. In een onderzoek onder uitgaanders in het club- en party circuit in 1998 bleek dat 7% van de bezoekers de afgelopen nacht amfetamine had gebruikt.

      (Bronnen: 1. De farmacologie van Verslaving, Handboek verslaving, maart 2000. 2. Psychofarmaca, Hersenen onder invloed, wetenschappelijke bibliotheek, 1989. 3. Antenne 98, Jellinek preventie en Universiteit van Amsterdam, 1999.)

  • Ik heb drie jaar lang veel drugs gebruikt. XTC, speed en coke.

    Met name speed en cocaïne kunnen klachten geven van steken in de hartstreek. Deze klachten treden dan op als je gebruikt. Deze steken worden in dat geval veroorzaakt door een vernauwing in de bloedvaten die om het hart heen liggen en het hart van zuurstof moeten voorzien. Als het hart geen zuurstof krijgt, krijg je steken. De bloedvaten worden vanzelf weer wijder als de drugs zijn uitgewerkt (meestal enkele uren).

    Je kunt ook op andere manieren steken in de hartstreek krijgen. Een belangrijke oorzaak is het krijgen van een paniekaanval. Dit is de meest voorkomende oorzaak van pijn in de hartstreek bij jonge mensen. Als je speed of cocaïne hebt gebruikt of ook als je er al mee gestopt bent kun je sneller een paniekaanval krijgen. De paniekaanval uit zich hyperventileren, hartkloppingen, tintelingen in de vingers en rondom de mond, pijn in de hartstreek en angst om dood te gaan. Deze door angst veroorzaakte pijn in de hartstreek is hoe akelig ook, onschuldig. Met het verdwijnen van de angst gaat ook de pijn over.

    Een andere bekende oorzaak van pijn in de hartstreek is een blijvende vernauwing van de bloedvaten rondom het hart. Dit komt in de meeste gevallen voor bij mensen die al wat ouder zijn en heeft te maken met slechte leefgewoonten zoals vet eten, roken etc. Deze leefgewoonten geven op den lange duur 'aderverkalking'.
    Een enkele keer kan het gebruiken van speed en cocaïne waarschijnlijk ook lijden tot aantasting van de bloedvaten rondom het hart. Dit komt echter zelden voor.

    Als je het niet vertrouwt of de klachten houden aan is het goed hierover eens te spreken met je huisarts.

  • Hoeveel mensen zijn er aan de drugs?

    Onderstaande tabel is gebaseerd op een nationaal onderzoek uitgevoerd door het Centrum voor Drugsonderzoek van de Universiteit van Amsterdam (CEDRO). In totaal zijn 22.000 mensen ondervraagd. De tabel die hier weergegeven wordt is een verkorte versie van de oorspronkelijke tabel en bevat de belangrijkste drugs. De streekproef is getrokken uit verschillende steden en verschillende gebieden uit Nederland met een verschillende bevolkingsdichtheid. In dit soort onderzoeken worden altijd drie soorten vragen gesteld: heb je ooit van je leven gebruikt, heb je het laatste jaar gebruikt en heb je afgelopen maand gebruikt. Het zal duidelijk zijn dat de ooit-cijfers altijd hoger zijn dan de laatste-maand-cijfers. De laatste-maand-cijfers geven het meest actuele gebruik weer. Bij het lezen van krantenartikelen is het altijd erg belangrijk om te kijken welke cijfers worden weergegeven. Het hele rapport, \"Licit and illicit Druguse in the Netherlands, 1997", over de nationale drugscijfers is te lezen op de site van het CEDRO. Het adres van de site geven we aan het eind van het antwoord. De oorspronkelijke tabel vind je door op de site van het CEDRO, op \"Drug Use Statistics\" te klikken, vervolgens op \"National Data\" en daarna op \"National Drug Use Prevalence, the Netherlands 1997\". Druggebruik in Nederland 1997 (gewogen percentages)

    Drugs Ooit gebruikt Laatste jaar gebruikt Laatste maand gebruikt
    Tabak 67.9% 38.1% 34.3%
    Alcohol 90.2 82.5 73.3
    Slaapmiddelen 17.4 8.5 5.5
    Kalmeringsmidd 19.6 8.2 4.9
    Cannabis 15.6 4.5 2.5
    Cocaïne 2.1 0.6 0.2
    Amfetaminen 1.9 0.3 0.1
    XTC 1.9 0.7 0.3
    Hallucinogenen 1.8 0.3 0.0
    Paddestoelen 1.6 0.6 0.1
    Heroïne 0.3 0.1 *
    Snuifmiddelen 0.5 0.1 0.0
    Geen enkele drug 5.2 10.6 17.8

    * niet precies meetbaar. www.frw.uva.nl/cedro/

  • Is XTC/amfetamine slecht voor je tanden?

    Amfetamine en XTC is slecht voor je tanden. Dat heeft een aantal redenen.

    Klemmen en knarsetanden.
    Door gebruik van speed en XTC neemt de spanning van je spieren toe. Ook de kaakspieren trekken samen en veel gebruikers gaan daardoor stevig knarsetanden. Ook klemmen ze hun boven- en ondergebit stevig op elkaar. Dat doen ze zowel tijdens als na het gebruik. Dit veroorzaakt schade aan je gebit, vooral aan tanden achterin je mond. Dat is inmiddels gebleken uit enkele onderzoeken waarin gebruikers met niet-gebruikers werden vergeleken. Hoektanden waren meer gesleten dan snijtanden, wat zou kunnen betekenen dat de onderzochte gebruikers eerder hun tanden klemden dan knarsten.

    Vermindering van speeksel.
    XTC en amfetamine leiden tot een vermindering van speeksel. Je krijgt een droge mond. Door de vermindering van speeksel is er geen sprake meer van de natuurlijke reiniging van je tanden waardoor de kans op gaatjes (cariës) toeneemt. Als je vaak gebruikt is het verstandig je mond een keer per dag met fluoride te spoelen om gaatjes tegen te gaan.

    Overgeven.
    Ook is gebleken dat XTC gebruikers die vaak moesten overgeven, al dan niet als gevolg van het XTC gebruik, vaker eens slecht gebit hebben. Het maagzuur dat langs je tanden komt tast je tanden namelijk sterk aan.

    Zoete drankjes.
    Iets anders is dat veel gebruikers bij het uitgaan geen alcohol drinken (heel verstandig) maar zoete frisdrankjes met koolzuur nemen. De zoetheid en zuurte daarvan bevordert eveneens het tandbederf.

  • Wat is Qat of Khat, hoe wordt het gebruikt, wat zijn de effecten en kun je er verslaafd aan raken?

    Qat bestaat uit de bladeren van een Oost-Afrikaanse struik die wel 20 meter hoog kan worden. Door zijn hoogte heeft de struik erg veel weg van een boom. Qat lijkt qua vorm op een laurierblad en wordt sinds de dertiende eeuw in Jemen, Somalië, Ethiopië en Kenia als genotmiddel gebruikt. Qat was er eerder dan koffie.

    Qat wordt gebruikt door op het blad te kauwen. Het sap wordt doorgeslikt. De gekauwde bladeren worden als een balletje tegen de binnenkant van de wang in de mond gehouden. Na 10 minuten kauwen wordt het restant uitgespuugd of doorgeslikt. Het werkzame bestanddeel in Qat is het alkaloide cathinon dat vooral in jonge verse bladeren zit. Deze stof vertoont wat chemische structuur betreft overeenkomsten met amfetamine. Het meeste effect krijgt men als de bladeren binnen 48 uur worden genuttigd. Omdat Qat alleen vers prettig werkt, wordt het hoofdzakelijk gebruikt in landen waar de struik groeit. Van de gedroogde bladeren kan overigens wel thee worden gezet. Qat wordt in Nederland bijna niet gebruikt. Alleen mensen die in Nederland verblijven en afkomstig zijn uit de streken waar de plant voorkomt, gebruiken het. De qat wordt dan per vliegtuig vervoerd. Qat en de werkzame stof cathinon staan niet in de opiumwet.

    Het kauwen op Qat geeft een amfetamine-achtig effect. Het stimuleert en werkt opwekkend. Gebruikers worden actief, moeheid en honger verdwijnen en je praat makkelijker. De effecten treden na 20 minuten op en kunnen enkele uren aanhouden. Een bijwerking kan diarree zijn. Bij overmatig gebruik van Qat kunnen gebruikers last krijgen van langdurige slapeloosheid, lusteloosheid en hallucinaties. Verder treden bij overmatige gebruikers een hoge bloeddruk, een versnelde hartslag en maagstoornissen op. Ook zie je stemmingswisselingen en emotionele labiliteit. Ook kan Qat tot afhankelijkheid leiden. Verder zie je bij chronische gebruikers uitputting en agressief gedrag. (Bron: D. Inaba, Uppers, Downers, All Arounders)

    In Jemen zou 80 procent van de bevolking Qat gebruiken. Dit ondanks het feit dat de islam ieder middel verbiedt dat een roes veroorzaakt. Het middel vervult een sociale functie en wordt gebruikt om de sociale contacten te verstevigen. Zogenaamde Qat-zittingen zijn vooral onder welgestelde moslims heel gewoon. Die zittingen gaan als volgt. Een groep vrienden of goede bekenden - bij voorkeur een groep van dertig mensen - komt in de middag bijeen. Voor het nuttigen van Qat eten ze gezamenlijk een uitgebreide maaltijd in de hoop dat daardoor bepaalde onaangename effecten van Qat achterwege zullen blijven. Men krijgt een plaats op de grond toegewezen, afhankelijk van iemands positie en aanzien in de groep. De gereinigde Qat-bladeren liggen in het midden en iedereen pakt een aantal bladeren. Het kauwen gebeurt met de linkerhelft van de mond. Onder het kauwen drinkt men grote hoeveelheden water of rookt men een waterpijp. De uitgekauwde vezels van de bladeren worden uitgespuugd in een speciale kom. Hoe meer men in vervoering geraakt, des te meer er gediscussieerd wordt. Het is gebruikelijk om onderlinge ruzies tijdens deze Qat-sessies of Qat-zittingen uit te praten. Bij arme mensen is het ritueel minder omslachtig. De sociale functie is dezelfde.(Bron: Drugs kruiden van hemel en hel)

    Bij de website van streetdrugs.org kun plaatjes van qat zien. www.streetdrugs.nl

  • Tabak

    • Wat zijn de gevolgen van roken?

      In tabak zitten ten minste drie stoffen die problemen kunnen geven: teer, koolmonoxide en nicotine. Teer is een zwarte kleverige stof die zich vastzet op de trilharen van het slijmvlies, dat loopt van neus tot longen. Hierdoor kunnen deze trilharen stof en vuil niet meer goed afvoeren. Teer kan lijden tot bronchitis, longemfyseem, longkanker en keel-, slokdarm- en strottenhoofdkanker. Koolmonoxide ontstaat bij de verbranding van plantaardig materiaal. Het is een kleur- en reukloos gas. Het zorgt ervoor dat het bloed de zuurstof minder goed kan vervoeren Hierdoor krijgen het hart en ook andere lichaamsdelen te weinig zuurstof. Koolmonoxide beschadigt de wanden van bloedvaten waardoor vet en kalk zich makkelijker kunnen afzetten. Koolmonoxide leidt tot verminderde conditie, aderverkalking, hartklachten (Angina pectoris, hartinfarct), herseninfarct en hersenbloeding. Nicotine prikkelt het zenuwstelsel waardoor hartslag omhoog gaat en (kleine)bloedvaten worden samengetrokken. Hierdoor stijgt de bloeddruk. Nicotine lijdt tot verslaving en verhoogde bloeddruk. Zie verder bij drugvoorlichting onder tabak. Meer informatie is te krijgen bij STIVORO tel 070-3522554. Zij hebben ook een website: www.stivoro.nl Voor informatie over stoppen met roken, tel 0900 500 2022.

  • Ik wil stoppen met roken? Hebben jullie tips?

    Bij de site van Stichting Volksgezondheid en Roken kun je een aantal tips vinden Zij zeggen dat je o.a. de volgende stappen moet nemen: 1. Schrijf de redenen om te stoppen op een rij.
    2. Weet in welke situaties je het liefst rookt. Je moet deze situaties goed kennen (bijvoorbeeld als het gezellig is) en vast een oplossing bedenken hoe je met die situatie om wilt gaan. Zie ook tip 10.
    3. Bepaal je stopdag. Dat kan morgen zijn maar je kunt ook een gunstig moment afwachten. 4. Vertel je omgeving dat je gaat stoppen. Eventueel stop je met iemand anders. 5. Ruim alles op wat je aan roken herinnert. 6. Stop radicaal, dat geeft het meeste kans op succes. 7. Verander je eet- en drinkgewoonten. Drink veel water, eet veel vers fruit. Pas op voor gezelligheidsdrankjes als koffie, thee en alcohol. 8. Zorg voor voldoende lichamelijke ontspanning. Wandelen, zwemmen en fietsen. 9. Beloon jezelf. Ga leuke dingen doen of geef jezelf iets. Bijvoorbeeld een CD of kleding. 10 Als je terugvalt geef de moed dan niet op. Ga na in welke situatie dat gebeurde en probeer te bedenken met welk ander (alternatief) gedrag je voortaan kunt reageren. Kom je de volgende keer wel door die situatie heen dan ben je alweer wat sterker geworden. Zin in roken is een van de eerste dingen die je merkt als je stopt met roken. Zo'n moment duurt enkele minuten. Het komt op, bereikt zijn hoogste punt en ebt weg. Als je pas gestopt bent heb je vaker zin in een sigaret dan enkele weken later. Na verloop van tijd worden de periodes tussen het "het weer zin hebben in roken" steeds groter en groter. Op den duur neemt de zin af. In Nederland worden op 50 verschillende plaatsen door ggd's en thuiszorgorganisateis "stoppen met roken" cursussen gegeven. Voor de adressen zie de site van Stivoro onder "stopcursus adressen". Je kunt ook de rook informatie lijn van Stivoro bellen telefoon 0900-9390

  • Wat is nicotinevergiftiging?

    Kort antwoord: Nicotinevergiftiging betekent een teveel aan nicotine. Je hebt milde vergiftigingen en zware. De symptomen van een milde vergiftiging zijn o.a. duizeligheid, misselijkheid en overgeven. Door een acute, zware vergiftiging kun je in coma raken.

    Lang antwoord:
    Gezien alle lichamelijke klachten die je na verloop van tijd van nicotine kunt krijgen; zoals irritatie van de luchtwegen, beschadiging van de vaatwanden, verhoging van de bloeddruk en verslaving, kun je zeggen dat nicotine een langzaam werkend gif is. Maar behalve dat bestaat er ook een acute nicotine vergiftiging. Verschijnselen hebben sommigen van ons meegemaakt bij hun eerste sigaret. Je werd duizelig en misselijk en moest soms overgeven. Doordat je aan de nicotine went voel je die effecten na verloop van tijd niet meer. Ervaren rokers kunnen deze effecten nog steeds krijgen waneer ze in korte tijd heel veel roken. In Japan zijn wel eens rookwedstrijden gehouden waarbij het erom ging in korte tijd zoveel mogelijk te roken. Daarbij zijn wel eens ongelukken gebeurd. Acute vergiftiging via roken komt in Nederland wel eens voor bij het eten van tabak. Iets wat bijvoorbeeld gebeurt wanneer kinderen per ongeluk sigaretten, shag of peuken eten. Het gebeurt ook wel eens wanneer mensen stoppen met roken en dan teveel nicotinepleisters of nicotinekauwgum gebruiken. Zeker als ze daarbij (ondanks hun beste voornemens) toch weer gaan roken, kunnen ze teveel nicotine binnenkrijgen. Bij milde vergiftigingen hebben de klachten te maken met het stimuleren van het zenuwstelsel. Bij een ernstige vergiftiging met het onderdrukken van de werking (depressie) van het zenuwstelsel. De klachten zijn: speekselvloed, misselijkheid, braken, buikpijn, diarree. Daarnaast kunnen zweten, onregelmatige en versnelde hartslag, vertraagde hartslag, hoofdpijn, duizeligheid en verwarring voorkomen. Verder zie je bibberen, spiertrekkingen, convulsies, verlaagde bloeddruk en later ernstige ademhalingsproblemen en coma. De ernst van de vergiftiging hangt natuurlijk af van de hoeveelheid nicotine die iemand per kg lichaamsgewicht binnen krijgt. Een ernstige vergiftiging kan bijvoorbeeld al optreden wanneer een kind dat bijvoorbeeld 10 kilo weegt drie peuken zware shag eet. Bij een vergiftiging moet je de huisarts bellen of 112 draaien. (Bron: Behandeling van acute vergiftigingen, J. Meulenbelt, Bohn Stafleu Van Loghum).

  • Is het beter om filtersigaretten of nicotinearme sigaretten te roken?

    Onderzoek heeft duidelijk gemaakt dat filtersigaretten en het roken van nicotine-arme sigaretten nauwelijks iets uitmaakt. Gebruikers van nicotinearme sigaretten blijken meer te gaan roken omdat de behoefte naar nicotine blijft. Ze nemen meer trekjes, inhaleren dieper, roken de sigaret tot het eind toe op of knijpen de filter af. De hoeveelheid nicotine en teer die je binnenkrijgt is daardoor nauwelijks minder. Met andere woorden: hoe je het ook doet, roken is altijd schadelijk. Er is nauwelijks goed of beter. Het roken van lichte sigaretten levert dan ook nauwelijks een verlaging van de kans op het krijgen van hart- en vaatziekten of chronische luchtwegaandoeningen op. Wat zou helpen is, als je een sigaret zou kunnen ontwikkelen die geen teer bevat maar er wel voor zorgt dat je nicotine binnenkrijgt. Immers: mensen roken vanwege de nicotine maar gaan dood aan de teer. De tabaksindustrie experimenteert al jaren met zogenaamde rookvrije sigaretten. Hierbij wordt de tabak niet verbrand maar verhit waardoor de nicotine in gasvorm vrijkomt. Er ontstaat geen rook waardoor het teergehalte laag is. De tot nu ontwikkelde producten slaan echter niet aan of zijn om andere redenen ongezond. (Bron: lichte sigaretten vallen zwaar tegen Stichting Volksgezondheid en Roken; November 1999)

  • Wat voor soort drug is tabak en waarom werkt het rustgevend?

    Drugs zijn in te delen in drie categorieën. Je hebt opwekkende/stimulerende middelen (uppers), je hebt kalmerende/verdovende middelen (downers) en je hebt psychedelische/ waarnemingsveranderende middelen (psychedelica). Tabak is een opwekkend/ stimulerend middel. Toch zijn er genoeg rokers die zullen zeggen juist rustig te worden van tabak. Dit zogenaamde rustgevende effect is echter geen kenmerk van tabak. Tabak is immers een stimulerend middel en maakt juist onrustig. Het rustgevende effect ontstaat doordat mensen lichamelijk afhankelijk zijn geworden van tabak. Door het vele roken is het lichaam gewend geraakt aan een bepaald nicotinepeil. Gaat dit peil omlaag dan reageert het lichaam met onthoudingsverschijnselen. Een van die onthoudingsverschijnselen is een gevoel van onrust. Dit onthoudingsverschijnsel kan tijdelijk bestreden worden door het nicotinepeil weer te verhogen. Dat doe je door opnieuw te gaan roken. De onrustgevoelens verdwijnen en je voelt je rustig. Dit verklaart het rustgevende effect van tabak. Je denkt dus dat tabak je rustig maakt en vergeet daarbij dat die rust in feite niets anders is dan het verdwijnen van onrustgevoelens. Onrust die in de eerste plaats door tabak veroorzaakt is. Tabak zorgt er voor dat je in een vicieuze cirkel terechtkomt. Tabak veroorzaakt onrust die je met tabak tijdelijk kunt bestrijden. Door opnieuw te roken raakt je lichaam echter verder gewend aan de nicotine waardoor de onrustgevoelens alleen maar zullen toenemen en de behoefte aan tabak groter wordt. Iemand die zegt rustig te worden van tabak is in feite het slachtoffer van een gemeen spelletje dat tabak met hem/haar speelt.

  • Verslaving

    • Wat is verslaving?

      Het fenomeen verslaving is van alle tijden. Alcoholisme, drugs- en seksverslaving bestaan al zo’n beetje sinds mensenheugenis, maar ook relatief nieuwe vormen van verslaving zoals obsessief gamen en internetten zorgen voor grote problemen.

      Maar eigenlijk komen alle vormen van verslaving op hetzelfde neer: een toestand waarin een persoon fysiek en/of mentaal afhankelijk is van een gewoonte of een stof. Het zorgt voor steeds kortere perioden van gelukzaligheid die de verslaafde in een steeds dieper dal brengen.

      In onderstaand filmpje (klik op het plaatje) wordt getracht de werking van een verslaving op een simpele, maar toch confronterende wijze te illustreren.

      In de hoofdrol zien we een kiwivogel met een voorliefde voor magische goudklompjes die hem naar hogere sferen doen stijgen. Deze klompjes worden meer en meer een obsessie, en het gelukzalige gevoel wordt korter en korter. Uiteindelijk wordt de wereld om de kiwi heen steeds grauwer, en vindt hij zichzelf aan het einde van het filmpje alleen in het donker…

    Verwijzers & Professionals

    • Hoe kan ik een cliënt aanmelden

      Dat kan via de aanmeldknop op de tactus.nl en telefonisch. Daarnaast is Tactus aangesloten bij ZorgDomein en Zorgnetwerk Oost; dit is voor huisartsen een gemakkelijke manier om aan te melden. Hier vindt u meer informatie over verwijzen via ZorgDomein en Zorgnetwerk Oost. 

  • Is een verwijsbrief nodig?

    Tactus heeft een verwijsbrief nodig om de zorg en behandelingen te kunnen  declareren bij de zorgverzekeraar.

  • Hoe regel ik een crisisopname?

    * Voor een crisisopname in Twente kunt u contact opnemen met de afdeling Diagnostiek en Opname van de locatie Raiffeisenstraat 40 in Enschede: tel. 053 4830550

    * Voor de afdeling Stedendriehoek (Apeldoorn, Deventer en Zutphen) kunt u contact opnemen met de afdeling Diagnostiek en opname van de locatie Piet Heinstraat 27 in Zutphen: tel. 0575 468400.

  • XTC

    • Is XTC/amfetamine slecht voor je tanden?

      Amfetamine en XTC is slecht voor je tanden. Dat heeft een aantal redenen.

      Klemmen en knarsetanden.
      Door gebruik van speed en XTC neemt de spanning van je spieren toe. Ook de kaakspieren trekken samen en veel gebruikers gaan daardoor stevig knarsetanden. Ook klemmen ze hun boven- en ondergebit stevig op elkaar. Dat doen ze zowel tijdens als na het gebruik. Dit veroorzaakt schade aan je gebit, vooral aan tanden achterin je mond. Dat is inmiddels gebleken uit enkele onderzoeken waarin gebruikers met niet-gebruikers werden vergeleken. Hoektanden waren meer gesleten dan snijtanden, wat zou kunnen betekenen dat de onderzochte gebruikers eerder hun tanden klemden dan knarsten.

      Vermindering van speeksel.
      XTC en amfetamine leiden tot een vermindering van speeksel. Je krijgt een droge mond. Door de vermindering van speeksel is er geen sprake meer van de natuurlijke reiniging van je tanden waardoor de kans op gaatjes (cariës) toeneemt. Als je vaak gebruikt is het verstandig je mond een keer per dag met fluoride te spoelen om gaatjes tegen te gaan.

      Overgeven.
      Ook is gebleken dat XTC gebruikers die vaak moesten overgeven, al dan niet als gevolg van het XTC gebruik, vaker eens slecht gebit hebben. Het maagzuur dat langs je tanden komt tast je tanden namelijk sterk aan.

      Zoete drankjes.
      Iets anders is dat veel gebruikers bij het uitgaan geen alcohol drinken (heel verstandig) maar zoete frisdrankjes met koolzuur nemen. De zoetheid en zuurte daarvan bevordert eveneens het tandbederf.

  • Wat is de geschiedenis van speed?

    Speed of amfetamine werd in 1887 voor het eerst gemaakt, maar pas in 1927 voor het eerst gebruikt. Het werd toen voorgeschreven als bloeddrukverhogend middel.

    De doorbraak kwam pas in de dertiger jaren. Men was toen op zoek naar een middel tegen astma. Bekend was dat het hormoon adrenaline een astma-aanval kon tegengaan. Adrenaline wordt in acute stress situaties door de bijnier afgescheiden en zorgt voor extra energie. Het verhoogt de hartslag, vergroot de spierkracht en doet de bronchiën uitzetten waardoor de ademhaling sneller en makkelijker verloopt. Met name de laatste eigenschap maakte adrenaline zo aantrekkelijk voor het bestrijden van astma, waarbij de luchtwegen vernauwd zijn en de ademhaling zwaar en piepend verloopt.

    Het probleem was echter dat adrenaline niet oraal ingenomen kon worden, maar alleen gespoten kon worden. Spuiten had weer ernstige effecten op hart- en bloedvaten. Men moest dus op zoek naar een alternatief voor adrenaline.

    Omstreeks 1920 ontdekte een Amerikaanse farmacoloog dat een Chinese plant, Ma Huang ofwel ephedra veelvuldig voorgeschreven werd tegen astmatische aanvallen. Het lukte de farmacoloog om het werkzame bestanddeel, efedrine uit deze plant te halen. De verbinding vertoonde grote overeenkomst met adrenaline. Omdat efedrine wel oraal gegeven kon worden en niet gespoten hoefde te worden werd efedrine het middel voor de behandeling van astma. Probleem was echter dat de plant Ma Huang schaars was zodat men weer op zoek moest naar een alternatief. En zo kwam men uiteindelijk terecht bij de in 1887 geïsoleerde chemische stof amfetamine dat wat betreft structuur op efedrine lijkt.

    Ook amfetamine bleek verlichting te geven bij astma en bronchitis. Voordeel boven efedrine was nog dat het in vluchtige vorm geleverd kon worden. Amfetamine kwam dan ook onder de merknaam Benzedrine, in de vorm van inhaleerapparaatjes legaal op de markt. Men besefte toen nog niet dat amfetamine tot misbruik en verslaving kon leiden.

    In 1937 werd er op een Amerikaanse Universiteit studie verricht naar de effecten van amfetamine. De uitkomst was dat amfetamine vermoeidheid en slaap tegenging. Dat nieuws ging als een vuurtje rond en vele studenten die moesten blokken voor een examen en wakker moesten blijven kochten het middel bij de drogist.

    Vanwege de oppeppende werking werd amfetamine niet alleen de drug van de jaren dertig, maar ook van de Tweede Wereldoorlog. Het werd gebruikt door Engelse en Duitse soldaten en ook Hitler zelf liet zich vijf keer per dag injecteren met een speedinjectie. In Japan kregen zowel militairen als fabrieksarbeiders amfetamine om de vechtlust en productie op te voeren. Later, in de zestiger jaren, zou ook de Amerikaanse president John F. Kennedy speed gebruiken, met name in tijden van uitputting en vermoeidheid.

    In de loop van de veertiger jaren werden de negatieve gevolgen van amfetaminegebruik langzamerhand zichtbaar. Japan bleef na de oorlog met enorme voorraden zitten en probeerden deze aan de man te brengen. Op een gegeven moment was 5 % van de Japanse bevolking tussen 16 en 25 jaar afhankelijk geworden. In Zweden zag men de nadelige gevolgen snel in en werd amfetamine in het begin van de vijftiger jaren verboden.

    Fervente amfetaminegebruikers in San Francisco ontdekten eind jaren 60 dat je amfetamine naast slikken ook kon spuiten, hetgeen niet alleen de roes toestand versnelde maar ook gewenning veroorzaakte. Het gevolg was dat gebruikers naar steeds hogere dosissen grepen.

    Ondanks dat de verwoestende werking van amfetamine begin jaren vijftig al lang bekend was, duurde het nog ruim twintig jaar voordat amfetamine en verwante stoffen in Nederland verboden werden. In 1969 mocht amfetamine alleen nog maar op recept voorgeschreven worden. In 1976 werd het opgenomen in de opiumwet. Amfetamine wordt op dit moment voorgeschreven voor narcolepsie (aanvallen van slaapzucht) Voor de behandeling van ADHD schrijft men tegenwoordig Ritalin voor. Deze stof heeft hetzelfde effect als amfetamine. Als drug wordt het vooral in het partycircuit gebruikt. In een onderzoek onder uitgaanders in het club- en party circuit in 1998 bleek dat 7% van de bezoekers de afgelopen nacht amfetamine had gebruikt.

    (Bronnen: 1. De farmacologie van Verslaving, Handboek verslaving, maart 2000. 2. Psychofarmaca, Hersenen onder invloed, wetenschappelijke bibliotheek, 1989. 3. Antenne 98, Jellinek preventie en Universiteit van Amsterdam, 1999.)

  • Wat is DOB?

    DOB is de stofnaam voor de chemische samenstelling 4-bromo-2,5-dimethoxyamfetamine. Het is een sterk werkend tripmiddel. Er kunnen hallucinaties en visuele vervormingen optreden. De werking van DOB is enigszins vergelijkbaar met die van LSD en 2C-B. De effecten beginnen 1 à 3 uur na inname. De werkingsduur van DOB is wel veel langer dan die van LSD en 2C-B, zo'n 18 tot 30 uur.

    Het is verkrijgbaar als fijn, wit kristalachtig poeder en in tabletvorm. Meestal staat er een logo op het tablet, maar dat hoeft niet persé. Je kunt DOB snuiven of slikken.

    Fysieke bijwerkingen zijn misselijkheid en trillen. Je kunt er angstig van worden en in paniek raken. Er zou vaatverkramping van de slagaders kunnen optreden. Door de sterke werking is er kans op overdosering. Herhaald gebruik leidt snel tot tolerantie. Hierdoor moet je meer pillen slikken om hetzelfde effect te voelen. Het gevaar hiervan is dat je teveel neemt. Als je DOB gebruikt in combinatie met alcohol versterken beide middelen elkaar. Er zijn een aantal gevallen bekend van mensen die overleden zijn als gevolg van DOB-gebruik. DOB is dus niet ongevaarlijk.

    Een paar jaar geleden werden DOB-tabletten aangeboden als XTC-pillen. Als je denkt XTC te hebben geslikt, kunnen de DOB-effecten nogal hevig zijn. Je kunt in paniek raken en/of angstig worden, met name doordat de pil zo lang doorwerkt. Ook bij te hoge doseringen DOB-tabletten kunnen de effecten te sterk worden. Anno nu wordt DOB -voor zover bekend- bijna niet meer gebruikt. Het is verboden. Het staat op lijst I van de Opiumwet: harddrugs met een onaanvaardbaar risico voor de gezondheid. Productie, handel en bezit zijn verboden.

  • Welke werkzame middelen zitten er in drugs?

    Er zijn drugs die vernoemd worden naar de werkzame stof die er in zit, zoals bijvoorbeeld bij heroïne en cocaïne. Bij tabak, hasj en XTC heet de werkzame stof anders. Bij tabak is de werkzame stof nicotine, bij hasj is het THC (tetrahydrocannabinol) en bij XTC is het MDMA (3,4 methyleendioxymethamfetamine). Drugs zijn veelal versneden met allerlei andere stoffen. Je koopt drugs dus bijna nooit in zuivere vorm. Omdat drugs illegaal zijn wisselt de zuiverheid enorm. Dit antwoord is gebaseerd op beschikbare gegevens uit februari 2000. Bij wiet is de hars die de THC bevat vermengd met allerlei plantendelen van de hennepplant. Waarschijnlijk bevat wiet zo\'n 8% tot 12 % THC. Bij hasj heb je vrijwel de zuivere hars, soms vermengd met enkele plantendeeltjes. XTC komt meestal in pillen op de markt. De pil bestaat naast MDMA uit vulstoffen zoals cellulose, lactose, zetmeel en magnesiumstearaat. Dit laatste wordt gebruikt om de pil over de mal te verdelen. Soms worden ook nog kleurstoffen toegevoegd. Meestal weegt een pil tussen de 270 en 340 milligram en bevat dan gemiddeld zo\'n 60 tot 70 milligram MDMA. Let wel dit is een gemiddelde. Er zijn forse afwijkingen, zowel naar boven als naar beneden. De uitslagen variëren van 20 tot 190 milligram MDMA(bron:DIMS). Daarom moeten gebruikers hun pil altijd laten testen. Eind 1998 bestond zo\'n 70% van de pillen uit MDMA en vulstoffen. Bij de overige 30% bestaan de pillen uit allerlei andere stoffen zoals amfetamine en cafeïne. Al of niet in combinatie met MDMA (bron: DIMS). Cocaïne komt als poeder op de markt. De werkzame stof is cocaïne. Het is vaak versneden met suikers (bijvoorbeeld manitol), met plaatselijk verdovende middelen (zoals lidocaine) of met andere stimulerende middelen zoals (amfetamine, efedrine en cafeïne). De zuiverheid bedraagt gemiddeld zo\'n 50%. Maar ook hier zijn enorme afwijkingen. De uitslagen variëren van 8% tot 80% (bron: DIMS). De werkzame stof in heroïne is dus heroïne. Het is vermengd met cafeïne of paracetamol. In Amsterdam Zuidoost wordt op straat gekochte heroïne regelmatig geanalyseerd. De zuiverheid ligt tussen de 20 en 50% (bron: Stichting Streetcornerwork).

  • Is iemand die alleen in het weekend gebruikt ook verslaafd?

    In het algemeen niet. Wel ligt het gevaar van niet meer kunnen uitgaan zonder te gebruiken, op de loer. Dat is een lichte vorm van geestelijke afhankelijkheid. Je ziet dat wel bij XTC. Mensen moeten dan voordat ze uitgaan een pil scoren. Hij of zij vindt een feest niet meer leuk zonder. Maar bij XTC zal het gebruik zich in de regel niet zo ontwikkelen dat de gebruiker ook door de week een pil nodig heeft. Het gebruik is en blijft gekoppeld aan het uitgaan. Iets anders zijn de lichamelijke gezondheidsrisico's. Elk weekend XTC gebruiken is beslist schadelijk met name voor de hersenen. Essentieel bij de vraag of iemand verslaafd is, is of hij er in gedachten voortdurend mee bezig is. Een XTC -gebruiker zal pas weer aan XTC gaan denken als hij uitgaat. Anders wordt het natuurlijk als hij er voortdurend mee bezig is. Dat zie je bijvoorbeeld wel eens bij alcohol. Bij alcoholisten kennen we de zogenaamde kwartaaldrinkers. Dit zijn mensen die een flinke tijd niet drinken en dan een korte periode geheel door het lint gaan. In feite kunnen deze mensen niet met alcohol omgaan. Zij hebben een strategie ontwikkeld om een aantal maanden niet te drinken en houden dat vol omdat ze weten dat ze zich over drie maanden weer klem mogen drinken. Als je deze mensen zou zien in de periode dat ze niet drinken zou je niet denken dat ze verslaafd zijn. Maar dat zijn ze in feite wel. Ze verlangen voortdurend naar alcohol en zijn er de hele tijd mee bezig. Deze vorm van alcoholisme wordt ook wel epsilon-alcolisme genoemd. Gebruik je dan is het altijd goed om eens een jaar terug te kijken en na te gaan hoe je dat jaar eigenlijk gebruik hebt. Je kunt je dan de volgende vragen stellen: - Ben ik geleidelijk meer gaan gebruiken? - Gebruik ik omdat ik anders niet meer vrolijk wordt? - Gaat mijn gebruik ten koste van andere dingen? - Ben ik er in gedachten vaak met gebruik bezig? - Gebruik ik om de nadelige gevolgen van vorig gebruik op te vangen - Weten mijn vrienden hoe vaak en hoe veel ik gebruik? - Maakt mijn omgeving wel eens opmerkingen over mijn gebruik?